Wat moet ik doen met een zieke vogel?

Op het strand van Scheveningen zag ik plots een roodkeelduiker zitten. Dat is vreemd, want roodkeelduikers zitten normaal gesproken op het water. Het zijn vogels die in de winter op volle zee kunnen overleven zonder aan land te komen. Deze roodkeelduiker was duidelijk verzwakt. En toen vroeg ik me af: wat moet ik doen met een zieke vogel?

Vakantiehuis midden in de natuur

Op Natuurhuisje.nl vind je vakantiehuisjes midden in de natuur, in Nederland en ver daarbuiten. Je geniet van de stilte en vooral: van de natuur!

Hoe herken je een zieke vogel?

Het is vaak niet makkelijk om te zien dat een vogel ziek is. Een roodkeelduiker kan natuurlijk ook even op het land zitten om uit te rusten. Maar dit is in de regel wel vreemd gedrag, want een roodkeelduiker zit zelden op de kant. Oftewel: vertoont een vogel onnatuurlijk gedrag, dan kun je ervan uitgaan dat er iets mee aan de hand is. En al helemaal wanneer hij nauwelijks op jou reageert. Hij vlucht niet, en doet zelfs geen pogingen meer om te vluchten. Of hij fladdert maar een beetje verwilderd in het rond.

Een olieslachtoffer herken je ook aan onnatuurlijk gedrag. Het zijn vaak zeevogels die plots op het strand zitten, zoals ‘mijn’ roodkeelduiker. Het verenkleed ziet er verfomfaaid uit. Zand kleeft aan de veren. En vaak zie je ook dat het verenkleed drijfnat is. Dat was bij mijn roodkeelduiker overigens nauwelijks te zien. Verder zijn ze mager, zwak en reageren ze nauwelijks. Zou je niets doen, dan blijven ze nat en koelen ze razendsnel af om uiteindelijk dood te gaan. Vind jij een zieke vogel, bel dan altijd zo snel mogelijk naar de Dierenambulance.

Wat moet ik doen met een zieke vogel?

Wat moet ik doen met een zieke vogel? Nou, je probeert hem natuurlijk te redden. Maar dat doe je liefst wel met beleid. Of beter nog: beter kun je dat laten doen door mensen die ervoor opgeleid zijn. Want die hebben goede hulpmiddelen om de vogel op de juiste manier te vangen. Ze dragen handschoenen die de vogel én de redder beschermen tegen bijvoorbeeld ziektes. En deze hulpverleners weten precies wat ze met de vogel moeten doen. Naar welk vogelopvangcentrum ze hem kunnen brengen, bijvoorbeeld.

Bel de Dierenambulance

En om die reden belde ik de Dierenambulance. Ik was in Scheveningen, en dus belde ik Dierenambulance Den Haag. Ik vond het telefoonnummer door op Google te zoeken. Je kunt ook zoeken op de website van de Dierenambulance of je belt met nummer 114, het telefoonnummer van Dier in nood. De medewerker die je aan de lijn krijgt, zal je doorverwijzen naar de juiste dierenambulance. Ik heb al verschillende keren met de dierenambulance contact gehad en ik kan je verzekeren dat deze organisatie uitstekend georganiseerd is en dat de medewerkers precies weten wat ze moeten doen.

Ik sprak met de vriendelijke medewerker af dat ik bij de roodkeelduiker zou blijven staan en zou wachten tot het team zou arriveren. Het zou een half uurtje duren en jawel, na een half uur zag ik drie mensen aan komen lopen met schepnetten en een stevige oranje plastic vogelbox. Ze keken zoekend om zich heen, het was wel duidelijk dat ze niet waren gekomen om garnalen te vangen en dus wees ik ze waar de roodkeelduiker zag. En toen ging het snel. De steel van een schepnet werd verlengd, het schepnet ging over de roodkeelduiker heen en floep, daar verdween hij in de oranje vogelbox.

Bericht van Vogelopvangcentrum De Wulp

‘s Avonds had ik contact met Jill, één van de medewerkers van de Dierenambulance. Zij mailde me dat de roodkeelduiker naar Vogelopvangcentrum De Wulp was gebracht. Wat zij al had gezien bleek waar: de roodkeelduiker bleek een olieslachtoffer te zijn. Bij de Wulp zagen ze dat hij erg mager was, maar ze dachten ook dat hij er hoogst waarschijnlijk bovenop komt.

Het leuke was dat ik de volgende dag op de Sovondag iemand sprak die aangaf bestuurslid te zijn van een vogelopvangcentrum. Op mijn vraag welk centrum dat was, antwoordde hij: De Wulp. Nou, dat vond ik natuurlijk erg leuk en ik gaf aan dat ik de dag ervoor een melding had gemaakt van een roodkeelduiker en dat die duiker naar De Wulp was gebracht. Hij herkende het verhaal, want hij had ook gehoord dat er een roodkeelduiker was binnengebracht. Hij liet me een foto zien, maar dat was een ander exemplaar dat op het talud zat en niet op het strand. Ook deze duiker zat helaas onder de olie. Maar gelukkig was ook hij (of zij) naar De Wulp gebracht. Hij vertelde me ook dat olieslachtoffers in een soort van centrifuge worden gedaan om de olie van de veren te wassen. Daarna gaan de vogels weer ruien en ze vetten hun veren weer in. Zodra ze weer in goede conditie zijn, worden ze vrijgelaten.

Wel, ik zie ernaar uit om ‘mijn’ roodkeelduiker over een paar maanden weer tegen te komen. Op volle zee, met zijn snavel fier omhoog. Voor de Brouwersdam bijvoorbeeld, waar roodkeelduikers overwinteren. Gelukkig dat in heel Nederland mensen voor de Dierenambulance actief zijn en ook dat menig vogel in een vogelopvangcentrum kan herstellen. Mooi en goed werk, dus hulde voor al deze medewerkers en vrijwilligers!