Waarom het bestrijden van de aalscholver onzin is

Regelmatig hoor ik de verschrikkelijkste verwijten aan het adres van de aalscholver. Ze schijten bomen onder waardoor de bomen zouden afsterven. En, nog een graadje erger: ze zouden complete vispopulaties uitroeien. Twee argumenten die zelfs politici in beweging hebben gezet. In het Europees Parlement is nog niet zo heel lang geleden geopperd om de aalscholver te gaan bestrijden. In Frankrijk schijnt dat zelfs massaal te gebeuren, tegen wet- en regelgeving in en dus illegaal. In dit artikel leg ik je uit waarom het bestrijden van de aalscholver onzin is.

Waarom het bestrijden van de aalscholver onzin is

De directe aanleiding van dit artikel is trouwens een reactie onder het filmpje dat je verderop in dit artikel kunt bekijken. In dit filmpje laat ik je een aalscholver zien die ik op de Zuidpier bij IJmuiden filmde. Heel spannend is het filmpje niet, maar ik vertel er wel bij waarom ik vind dat het bestrijden van de aalscholver onzin is. Laat ik dat maar meteen duidelijk maken. Veel mensen denken dat de roofdieren bepalen hoe veel (of beter: hoe weinig) prooidieren er zijn. Roofdieren zouden dan buitengewoon veel prooidieren opeten waardoor er voor ons mensen te weinig prooidieren over blijven. In het geval van de aalscholver: er zijn zoveel aalscholvers en die eten zoveel vis waardoor de vispopulaties instorten en waardoor ‘onze’ vissers niet genoeg vis meer vangen. De roofdieren, en dus ook de aalscholver, zijn dus de kwaaie pier in dit verhaal.

Niets is echter minder waar. Biologen hebben ontdekt dat het niet de roofdieren zijn die bepalen hoeveel prooidieren er zijn. Zij hebben namelijk ontdekt dat het de prooidieren zijn die bepalen hoeveel roofdieren er zijn. Zijn er veel prooidieren, dan zijn er ook veel roofdieren. Denk maar aan het voorbeeld van de veldmuizen. In een muizenrijk jaar vliegen er veel jongen van de torenvalk (en van andere roofvogels en uilen) uit waardoor de populatie torenvalken groeit. Stort het andere jaar de populatie veldmuizen om welke reden dan ook in, dan komt ook een aantal torenvalken om (of ze trekken weg om elders voedsel te zoeken). De populatie torenvalken krimpt weer. En zo gaat dat voortdurend door.

En zo gaat dat ook bij de aalscholvers. Zijn er veel vissen, dan zullen er ook veel aalscholvers zijn. Ze weten immers met veel succes hun jongen te voeden waardoor er veel jongen met succes uitvliegen. Stort de vispopulatie vervolgens om welke reden dan ook in, dan legt ook een groot aantal aalscholvers het loodje of een groot aantal aalscholvers trekt weg om elders voedsel te zoeken. Het aantal vissen bepaalt het aantal aalscholvers en niet andersom.

In mijn filmpje merk ik wel op dat eigenaars van visvijvers natuurlijk best mogen vrezen voor een zwerm aalscholver in hun vijver. Het lijkt mij verstandig dat zij maatregelen nemen om te voorkomen dat hun visvijver wordt leeggegeten door een zwerm aalscholvers. Overigens gaat hier het verband tussen vis en aalscholver ook op. Zou een zwerm aalscholvers de visvijver leeg eten, dan zullen de aalscholvers de vijver verlaten en niet meer terugkeren. De visstand krijgt de kans om zich weer te herstellen. Bevat de visvijver op den duur wel weer behoorlijk veel vis, dan krijgt de visvijver weer bezoek zodra aalscholvers de vispopulatie hebben ontdekt. Zo gaat dat in de natuur.

Reactie op mijn filmpje

Degene die op mijn filmpje reageerde, vond mijn verhaal maar een ‘lulverhaal’. Hij wijst erop dat in havens en plassen aalscholvers de visstand decimeren. En vervolgens vliegen ze naar elders om ook daar de visstand te verwoesten, enzovoorts. Hij kan zich voorstellen dat vogelliefhebbers er niet blij van worden dat de aalscholver bestreden moet worden, maar het zij zo. Dit is op hoofdlijnen mijn eigen weergave van zijn verhaal (behalve dan de kwalificatie van ‘lulverhaal’, die is van zijn hand). Hij heeft namelijk zijn reactie inmiddels verwijderd en dat vind ik jammer, want elke reactie met een beetje toelichting zet weer aan tot nadenken en overweggen. Bovendien is met zijn reactie ook mijn weerwoord verwijderd, maar dat weerwoord wil ik je niet onthouden en dus hieronder alsnog, aangevuld met nog wat andere feitjes.

Mijn weerwoord op de verwijten aan de aalscholver

Mijn weerwoord bevat de volgende elementen:

1. Zijn argumentatie ondersteunt in feite mijn betoog

De argumentatie van degene die mijn betoog een ‘lulverhaal’ vindt, schrijft dat de aalscholvers na het leegroven van gracht en haven, elders gaan jagen. Dat ondersteunt juist mijn verhaal. Zijn er geen prooidieren te vinden, dan zullen er ook geen, of een stuk minder, roofdieren zijn. Is er geen of onvoldoende vis in een gracht of haven te vinden, dan zullen aalscholvers daar ook niet gaan jagen, in elk geval niet massaal.

Mijn verhaal gaat in belangrijke mate over het macroniveau en gaat dus op voor een compleet ecosysteem. Op microniveau, zeg op het niveau van de visvijver, kan een zwerm aalscholvers natuurlijk wel flink huishouden. Wil je dat als eigenaar van een visvijver voorkomen, neem dan maatregelen die de aalscholvers de toegang ontnemen tot de visvijver.

2. Hoe ver wil je gaan met het bestrijden?

Okay, we gaan de aalscholver bestrijden. Laten we dat gedachten-experiment eens opzetten. Waar houdt het vervolgens op? Want vis eten, dan doet wel meer dieren. Laat ik er een aantal opsommen: roodkeelduiker, parelduiker, ijsduiker, blauwe reiger, grote zilverreiger, kleine zilverreiger, kwak, roerdomp, lepelaar, ooievaar, visarend, zeearend, ijsvogel, visdief, grote stern, dwergstern, fuut, dodaars, geoorde fuut, grijze zeehond, gewone zeehond, dolfijn, bruinvis, snoek, snoekbaars, baars, zeebaars, zeewolf, bepaalde soorten kwallen, zeeanemonen en zo nog een enorm aantal jagers. En breder gezien: moeten we dan ook leeuw, tijger, civetkat, torenvalk, potvis en ijsbeer gaan bestrijden, omdat deze andere dieren opeten? Of de scholekster die mosselen en oesters eet? Of de wulp die zeepieren opsmikkelt? Gaan we deze dieren dan ook bestrijden? Waar houdt het op met de bemoeizucht van de mens? Waar in de schepping of in de evolutie staat in steen gebeiteld dat het de mens is die als scherprechter in de natuur moet optreden? Het antwoord is simpel: nergens!

3. De natuur is geen eigendom van de mens

We gaan een stap verder. Het wordt tijd dat wij mensen gaan beseffen dat de natuur niet het eigendom van ons mensen is. Wij hoeven niet op te treden als scherprechter in de natuur, dat werkt alleen maar averechts. De enige rol die wij ons moeten aanmeten is die van beschermers van de natuur. Natuurlijk, we oogsten ook uit de natuur, vis bijvoorbeeld. Maar dat zou altijd in harmonie moeten gebeuren met de natuur. Anders gezegd: ecosystemen moeten in stand blijven. Helaas is de situatie in grote delen van de wereld natuurlijk finaal anders. Wij mensen zijn bezig om op grote schaal de natuur te vernietigen. Maar we moeten beseffen dat de natuur geen eigendom van ons is.

4. Wetenschappelijk onderzoek

Ook wetenschappers die jarenlang onderzoek verrichtten concluderen dat het bestrijden van aalscholvers zinloos is. Raadpleeg bijvoorbeeld dit artikel in Trouw. De aalscholver eet vooral vis die commercieel niet interessant is. Alleen: de spectaculaire beelden van aalscholvers die worstelen met een paling of snoekbaars blijven voor altijd op het netvlies staan. Daarnaast ontdekten wetenschappers dat aalscholvers niet meer dan vijftien procent van een vispopulatie afromen. Het kost aalscholvers te veel energie om in koud en donker water achter schaarse visjes aan te jagen. En wie meent dat aalscholvers vooral paling eten: dezelfde wetenschappers ontdekten tijdens de analyse van braakballen van aalscholvers dat deze lang niet zoveel restanten van paling bevatten dan gedacht. De paling eet helemaal niet zoveel paling.

5. Wat dan wel?

Handen af dus van de aalscholver. Niet bestrijden dus met allerhande niet onderbouwde stellingen die aantoonbaar onzin zijn.

Wat dan wel? Wij moeten in harmonie met de natuur leren leven. Dat zal ons aller leven raken. Vissers zullen op duurzame wijze moeten gaan vissen. Boeren op duurzame wijze landbouw bedrijven. Andere bedrijven moeten ook kiezen voor een duurzame bedrijfsvoering. Burgers omarmen de natuur in hun leefomgeving. Et cetera.

Ik hoor ook hier al allerlei tegenwerpingen opkomen. Maar er is geen andere weg. Het massaal uitsterven van dieren en planten door toedoen van de mens, zal uiteindelijk niet alleen een enorme tol eisen in de natuur, het zal ook de mensheid in het hart treffen. Alles waar wij ons bestaan mee vergemakkelijken, van voedsel tot de televisie en je computer, is uiteindelijk afkomstig uit natuurlijke hulpbronnen. Denk ook eens aan medicijnen. Veel medicijnen zijn ontwikkeld met stoffen die in plant of dier voorkomen. Bestandsdelen van slangengif bijvoorbeeld die ingezet worden voor de bestrijding van allerlei ziekten. Wie weet hoeveel planten en dieren met van die nuttige maar nog niet ontdekte stoffen er in hun voortbestaan worden bedreigd? Massaal uitsterven van planten en dieren heeft tot gevolg dat deze in de toekomst niet meer kunnen worden onderzocht en benut. En dan noem ik slechts één toepassing, zij het een wel heel belangrijke.

Nou, ik ben afgedwaald. Terug naar de aalscholver. Het is onzin om de aalscholver te bestrijden, omdat het beeld dat door politici, vissers en andere mensen wordt geschetst over de impact van de aalscholver simpelweg niet klopt. En als een redenering niet klopt, dan kun je die ook niet gebruiken om het bestrijden van de aalscholver te legitimeren.

Verwelkom nieuw leven in jouw tuin dit broedseizoen!