Vogelexcursie in de Zouweboezem en Nieuwe Dordtse Biesbosch

Eén van de hoogtepunten in het voorjaar is de jaarlijkse vogeldag met de Vlaamse vrienden. Gisteren was het zover. Op de parkeerplaats onder aan de Lekdijk begroetten we elkaar weer even hartelijk als ongeveer een jaar geleden. Dertien vrouwen en mannen beklommen vervolgens de dijk en daalden af naar de Zouweboezem. Het was half tien, een tijdstip waarop veel vogels nog actief zijn. En wij dus ook, want we stonden voor een wandeltocht van vijf kilometer met de nodige stilstand om naar vogels te kijken.

De eerste de beste vogel die voorbij vloog zorgde meteen voor blijdschap: een purperreiger! In de Zouweboezem niet ongewoon, er bevindt zich een grote kolonie, maar in de rest van het land en zeker in Vlaanderen, is de purperreiger een zeldzaamheid.

De volgende stop duurde nog langer: we volgden de zwarte sterns die boven de weilanden en sloten aan het jagen waren. En ik kon opgelucht ademhalen, want plots verscheen ook de witvleugelstern, ook in de Zouweboezem een absolute zeldzaamheid.

We bekeken de zingende rietgors uitgebreid. Zijn gitzwarte kop en het witte ‘sjaaltje’ vielen het meeste op. Ik vermoed dat dit dezelfde rietgors was als die ik donderdagavond filmde:

Ondertussen hadden we ook soorten gezien als putter, winterkoning, torenvalk, tafeleend, kuifeend, tjiftjaf, fitis en buizerd. Op naar het vlonderpad waar we zochten naar de kleine karekiet en rietzanger. Bergeend en kievit zaten voor het scherm, verder was het er leeg op de moddervlakte.

Op naar vakantiehuisje De Kikker. Spotvogel, fitis, de eerste grutto en voorbij het huisje eindelijk: een zingende snor hoog in een jonge els. In de bocht een tweede snor en toen wandelden we richting de molen en zochten we naar de grutto’s in het weiland (met de orchideeën) en een paar honderd meter verderop naar de purperreigers en lepelaars. Ik voelde de wandeling al in de kuiten, maar de Vlaamse vrienden stapten nog monter door. Het waren dan ook de ideale omstandigheden om te wandelen in de Zouweboezem: zonnig, niet veel wind, veel bloemen in bloei en overal vogels. Zelfs de sprinkhaanrietzanger liet zich horen, officiële naam: de sprinkhaanzanger, maar mijn geheugen onthoudt vooral de verouderde namen. Vermeldenswaardig: de vrouwtjes koekoek die haar bulbende roep liet horen en de twee mannetjes die voorbij scheerden.

We aanvaarden de tocht terug naar de parkeerplaats en verlangden naar de lunch in restaurant Raadhuis in Goudriaan. We zaten prinsheerlijk langs het water en de lunch was van hetzelfde royale niveau.

Vlaamse vrienden Paul Bonte

En toen dwars door de Alblasserwaard op naar een gloednieuw natuurgebied: de Nieuwe Dordtse Biesbosch. De middag is immers iets minder ideaal om zangvogels te kijken (ze zijn dan wat rustiger), maar in de Nieuwe Dordtse Biesbosch zouden we hopelijk steltlopers zien, eenden, en waadvogels en inderdaad: de eerste vogel die Paul en ik zagen was een ooievaar die de landing inzette. Vanuit een andere auto was al een lepelaar gezien!

Door het weiland ging de tocht. Een graspieper vloog op, een biddende torenvalk werd belaagd door woedende boerenzwaluwen. Vanaf het bankje op de dijk bleven onze ogen haken bij de zwarte ruiter, tureluur, grutto en lepelaar. Eenden zagen we ook: krakeend, slobeend, kuifeend en tafeleend. Toch ook nog zangvogels in het riet: de snor liet zich horen, evenals de kleine karekiet. Maar we zagen ze niet! Wel viel het grote aantal knobbelzwanen op.

In de vogelkijkhut vielen plots een paar kleine steltlopers op. Ze foerageerden op een eilandje. Het bleken een paar oeverlopers en: Temmincks strandlopers! Aan de andere kant van de weg, vanaf het vlonderpad, zagen we hoe een moedereend haar kroost verdedigde tegen een meerkoet. Een blauwborst liet zich horen, maar helaas niet zien. Een veldleeuwerik jubelde vanuit de hoge hemel. En zowaar, nog een steltloper die we nog niet hadden gezien: de bosruiter. In totaal zagen we vandaag 58 vogelsoorten.

Met opnieuw de nodige kilometers in de benen arriveerden we bij de auto’s en was het onvermijdelijke afscheid daar. En dat was even hartelijk als hartverwarmend en eerlijk gezegd… vogels kijken is mooi en plezant, maar het warme afscheid was wat mijn gevoelige ziel het meest ontroerde.

Het ga u goed, Vlaamse vrienden! Ik dank u voor deze heerlijke vogeldag, voor jullie gemoedelijkheid, gezelligheid, vragen en voor jullie humor. Ik zie ernaar uit om jullie weer te mogen begroeten!