Verslag van een vogeltochtje langs het Oostvoornse Meer

Het was sappelen vandaag met de vogels. Ik had bedacht het Oostvoornse Meer te bezoeken in de hoop wilde zwanen te kunnen filmen. En anders wel een kuifduiker, brilduiker of ijsvogeltje. Maar helaas, deze werden het niet. Sterker nog: de opnames die ik wist te maken hebben één gemeenschappelijk kenmerk: maximaal 3 seconden lang en dan weet je: allemaal vogels die op de vlucht slaan. 

Maar goed. Dat betekent nog niet dat ik niets gezien heb daar aan het Oostvoornse Meer. Ik arriveerde op de noordoever toen het nog een beetje schemerde. Aalscholvers lieten hun vleugels wapperen, een blauwe reiger stond roerloos op de oever, grote mantelmeeuwen dreven op het water en overal groepjes middelste zaagbekken. In het struweel goudhaantjes, heggenmus en zowaar een stel goudvinken. Die ik helaas alleen hoorde. 

Op de zuidoever, in het rietveld bij ‘t Wapen van Marion (Zeeweg 60), was het niet veel drukker. Daar hoopte ik op de baardmannetjes die ik er een paar geleden filmde. Maar de baardmannetjes bleven weg. Wel vlogen groepjes vinken en putters over, scharrelden heggenmus en winterkoning rond in het struweel en had ik vanuit de hut al heel snel een buizerd in het vizier. Je ziet hem in de opname hieronder opvliegen. Op het water Canadese ganzen en ernaast een eenzame oeverloper. Vanuit het riet schreeuwde een waterral. Opvallend veel merels in de besdragende struiken, en een enkele koperwiek. En toen wandelde ik pardoes een zwermpje goudhaantjes in. Die zich echter niet lieten filmen. Koolmees, pimpelmees en roodborst lieten zich zien. En zowaar, ook hier weer een aantal goudvinken. Eerlijk gezegd werd het niet meer behalve dan nog de twee futen die van schrik ook maar opvlogen. Het was dus vooral een mooie wandeling langs de oever van het Oostvoornse Meer. Een locatie waar natuur en industrie een symbiose vormen. Dat zie je in het filmpje met de buizerd: op de achtergrond de machines op de Maasvlakte.

De beste verrekijkers om vogels mee te kijken: