Vandaag in Trouw: ‘Niet alle vlinders verhuizen’

 

In de driedelige serie over de gevolgen van klimaatverandering, vandaag in Trouw een interview met Michiel Wallis de Vries, naast hoogleraar aan de Universiteit van Wageningen ook onderzoeker bij de Vlinderstichting. Het kaasjeskruiddikkopje dringt via het Maasdal in Limburg ons land binnen en de gehakkelde aurelia vestigt zich in het Finse Lapland. Allemaal mogelijke gevolgen van klimaatverandering. Hij heeft ook goed nieuws: ‘Uit waarnemingen blijkt dat we het dieptepunt voorbij zijn’. ‘De achteruitgang is bij sommige populaties afgevlakt, en bij diverse soorten is zelfs een voorzichtige toename te zien. Grosso modo gaat het zelfs beter’.  Een goed voorbeeld volgens Wallis de Vries is de fraaie koninginnepage. Daar zou het zelfs uitstekend mee gaan!

Toch is klimaatverandering niet voor alle soorten goed nieuws. De distelvlinder legt met gemak 3.000 kilometer af, terwijl het gentiaansblauwtje in zijn hele leven nauwelijks meer dan 5 kilometer aflegt. En daarmee kan het gentiaansblauwtje maar moeilijk anticiperen op de gevolgen van klimaatverandering. Ze kunnen niet zomaar verhuizen.

Van belang voor de vlinders in ons land is dat de komende jaren bij het beheer van onze natuur gezorgd wordt voor een grote variatie aan vegetaties en structuren. Ook moeten de verbindingen tussen natuurgebieden versterkt worden. En wat meer revolutionair: we moeten nieuwe natuur aanleggen, op daken in dorp en stad. En dan op die groene daken geen monoculturen van sedum, maar ook andere planten die interessanter zijn voor vlinders.

Tot nu toe had ik een wat somber beeld van de vlinderstand in ons land. Ik had het idee dat van veel vlinders het aantal flink achteruit kachelt. Dit interview met deskundige Wallis de Vries stemt iets minder somber. Het blijkt best aardig te gaan met de meeste soorten in ons land!