Tips voor het fotograferen van strandleeuweriken

Gisteren was ik weer op de Westplaat bij Oostvoorne, op zoek naar sneeuwgors, strandleeuwerik en vooral frater. De fraters waren eerder die dag gezien, maar ik wist ze helaas niet te vinden. Sneeuwgors en strandleeuwerik wel, en dat is ook genieten. De sneeuwgorzen vlogen in een grote groep rond. De strandleeuweriken overwinteren er in een groep van ongeveer twintig. Voor beide vogels geldt dat ze niet perse schuw zijn, maar dat je jezelf maar beter niet aan ze kunt opdringen. Pas je jezelf aan de vogels aan, dan komen ze soms tot op een paar meter van je vandaan. Hoe doe je dat? In dit artikel deel ik mijn tips voor het fotograferen van strandleeuweriken (en sneeuwgorzen).

Tips voor het fotograferen van strandleeuweriken

Strandleeuweriken en sneeuwgorzen kunnen minutenlang op een bepaalde plek naar voedsel zoeken. Vanzelf komt het moment dat ze weer opvliegen. Zeker de sneeuwgorzen zijn soms wat rusteloos. Ik heb het idee dat dat in mindere mate geldt voor de strandleeuweriken, hoewel die laatste soms in vliegende vaart achter elkaar aan vliegen in een soort van competitiedrang. Natuurlijk moet je het geluk hebben dat wandelaar, ruiter, hond, medevogelaar of jijzelf de vogels niet opschrikken. Op de Westplaat gebeurt dat regelmatig en dat maakt de strandleeuweriken en sneeuwgorzen toch wat alerter. Gisteren klapte iemand zijn statief met een luide tik uit en hop, daar gingen de sneeuwgorzen de lucht in. Hoe fotografeer je strandleeuweriken en sneeuwgorzen zodanig dat je ze niet verstoort (dat op één) en dat jij ze van redelijk dichtbij kunt fotograferen (dat op twee)? Hieronder vind je wat tips:

  • Mijn eerste tip: maak jezelf zo klein mogelijk. Ga zitten of liever nog: liggen. Dat is op het strand niet altijd mogelijk, het kan nat zijn, of de strandleeuweriken zitten tussen het zeekraal waar slik ligt in plaats van zand. Maar toch, blijf je staan, dan ben je een grotere bedreiging voor de vogels dan wanneer je zit of ligt.
  • Wacht vervolgens geduldig af. De strandleeuweriken en sneeuwgorzen hebben zo hun favoriete plekjes om naar voedsel te zoeken. Tussen het zeekraal, op het strand voor de lage duinen of tussen het aanspoelsel op het zand. Ga daar zitten of liggen en wacht tot het moment komt dat ze daar neerstrijken. Ondertussen heb jij je camera natuurlijk al opgesteld.
  • Achtervolg de vogels nooit op de voet. Negen van de tien keer vliegen de strandleeuweriken of sneeuwgorzen op, omdat ze verstoord worden. Dat kan ook door een vogelaar zijn die één stap te veel deed. Vanaf dat moment is elke vogelaar een bedreiging. Ga je subiet in de achtervolging en nader je de vogels te snel en te dichtbij, dan is het vrijwel zeker dat ze opnieuw opvliegen. Dat is niet leuk voor jezelf, maar nog veel belangrijker: het is superslecht voor de vogels. Die moeten de winter zien te overleven en moeten daarvoor voldoende voedsel naar binnen werken met zo min mogelijk energieverlies. Stalk de vogel dus niet.
  • Heb je een plekje gevonden waar de vogels regelmatig naar voedsel zoeken, ga dan met de wind in je rug zitten. Vaak bewegen de strandleeuweriken en sneeuwgorzen zich tegen de wind in, dus in jouw richting. Strijken ze op twintig meter van je vandaan neer, dan komen ze van lieverlee naar je toe. En blijf je dan laag, dan zien ze je niet als gevaar. Zo win je de vogels voor je in.
  • Maar dan komt het moment om afscheid te nemen van de vogels en misschien zitten ze nog wel voor je! Hoe pak je dat aan? Wel, het liefst wacht je natuurlijk tot de vogels uit zichzelf wegvliegen. Lukt dat niet, sta dan het geleidelijk op, hou jezelf zo klein mogelijk, maak geen geluid, en loop achteruit van ze vandaan.
  • En dan nog een kledingtip. Ga je op strand op het zand of in de modder liggen, dan kun je maar beter waterdichte kleding aantrekken. En laarzen. Kleding die bovendien tegen een stootje kan. Ik heb een waterdichte en gevoerde broek aan met daarboven een winterjas met eroverheen een super dikke groene regenjas. Dat ik mezelf helemaal onder het zand en de stinkende blubber werk, is een zorg voor later. Hoewel, je wil niet dat je met een onverhoedse beweging je camera onder het zand werkt. Het klinkt gek, maar even tijgeren door een stukje vochtig gras doet wonderen! Wel goed uitkijken dat je niet door een hondendrol tijgert. Tegen de tijd dat je bij de auto bent, zijn de kleren wat gedroogd. Veeg het zand van je kleren met een handveger en klaar ben je.

Ervaring met de sneeuwgorzen

Echt waar, deze tips werken echt. Gisteren kon je mijn filmpje over de sneeuwgorzen zien. Het was te kort om te zien hoe ver de sneeuwgorzen eerst van me vandaag zaten. Maar ik had gezien dat ze zich langs de vloedlijn met aanspoelsel bewogen en ik ging op dertig meter van ze vandaan liggen, half verscholen achter een héél laag hoopje zand. Met elke vijf seconden kwamen ze dichterbij en binnen twee minuten zaten ze op vijf meter van me vandaan.

Mijn ervaring met de strandleeuweriken

Met de strandleeuweriken in het filmpje hierboven verliep het iets anders. In de ochtend kwam ik aanlopen en foeterde ik behoorlijk luidkeels op de honden die er los liepen. Net toen ik bij het veldje zeekraal kwam, joegen de honden de strandleeuweriken op, die vervolgens pal voor me neerstreken. Ik ging op mijn knieën in de blubber zitten en liet de vogels lekker rond scharrelen. Toen ik wegging liep ik gebukt achteruit zonder de strandleeuweriken op te jagen.

In de middag verschool ik me achter een laag duintje en zette ik mijn statief in zijn allerlaagste stand. Ik lag plat op de grond en de strandleeuweriken kwamen tot op drie meter. Ik wachtte tot de strandleeuweriken ver genoeg van me vandaan waren om weg te lopen.