Graspieper of boompieper?

Je hebt soorten waar je een sik van krijgt. Ik althans. De familie van de piepers levert een flink aantal soorten die in die categorie vallen. Gisteren filmde ik een pieper in een kaal boompje. Langs de Nederrijn bij Elst. Hij brengt geen enkele piep voort. Wat is het nu? Een graspieper of een boompieper. Je zou zeggen dat ik er met de ANWB Vogelgids van Europa en Vogeldeterminatie wel uit zou moeten komen. Dat is eenvoudiger gedacht dan gedaan. Of ben ik stekeblind voor opvallende kenmerken? Dat sluit ik zeker niet uit. Dus de vraag: is dit een graspieper of een boompieper? Ik zet de vraag ook uit via Facebook en Twitter. Eens kijken hoe snel het overtuigende antwoord wordt geleverd. Ik hoop héél snel. En inderdaad, een antwoord liet niet snel op zich wachten. Het blijkt een graspieper te zijn. Jan Mudde reageert op Facebook: ‘Graspieper onder andere gelet op flankstreping, duidelijke streping op de rug, kleur flank-buik, relatief slanke snavel en de lange achternagel.’

Lepelaars in de Blauwe Kamer

Vandaag bracht ik de tijd door in de Blauwe Kamer bij Rhenen. In dit natuurgebied heeft de rivier de Nederrijn vrij spel. Gelukkig stond er niet veel water in de Blauwe Kamer. Een wandeling maken en vogels kijken was daarom goed te doen. Tot mijn verrassing had ik bij de vogelkijkhut een fraai uitzicht op een kolonie lepelaars, aalscholvers en blauwe reigers. Zo’n broedeiland deed me denken aan de reigerkolonies in De Brenne. Het is trouwens een mooi stukje Nederland daar rond Rhenen. Je waant je haast in het buitenland, zo anders is de sfeer er. De lepelaars in deze opname staan in de plas bij de kolonie. Als je goed kijkt, zie je ook nog een paar witgatjes rond scharrelen.