IJsvogel als toetje

Vandaag was ik weer in de gelegenheid een vogeltocht te maken. Ook Sjaak had daar wel oren naar en dus trokken we vanmorgen de polders van Overflakkee in. Later dan gewoonlijk, want niet alleen woei het behoorlijk, er viel ook aardig wat regen. Die combinatie alleen al is een matige om vogels te kijken. Voor wie wil fotograferen of filmen is het helemaal funest: in deze tijd van het jaar is er onder die omstandigheden heel weinig licht. Verre van ideaal om fraaie plaatjes te schieten.

Lees verder

Vogeltocht langs Hellegatsplaten, Philipsdam en Stinkgat

Vrijdag moest ik voor mijn werk op Goeree-Overflakkee zijn en het viel me toen al op hoeveel grote zilverreigers er momenteel in de Hellegatsplaten zijn. Er waadden er tientallen in de kreek langs de N59, wat een prachtig tafereel was. Maar helaas: op de N59 kun je niet stoppen en het werk riep. En daarom dit weekend terug. De vogeltocht met Sjaak startte in dit uitgestrekte natuurgebied met zijn twee vogelkijkhutten.

Lees verder

Een pijlstaart stapt op het ijs

Het lijkt alweer een jaar geleden dat er overal sneeuw lag en de sloten bevroren waren. Maar zaterdag nog slipte ik op een polderdijk en gleed met elk beetje gas dat ik gaf mijn auto steeds meer richting afgrond en dus de sloot. Gelukkig krijgt Sjaak in dat soort omstandigheden praktische ingevingen. Met een passagier op de motorkap kregen mijn banden meer grip en gehoorzaamde mijn auto de chauffeer weer.

Op de Philipsdam was een groot deel van de plas niet bevroren. Daar dromden eenden samen. Ik kon een pijlstaart filmen. Normaal gesproken zijn deze eenden heel schuw. Zien ze je, dan vliegen ze op. Maar de kou hield deze pijlstaart aan de grond. Je herkent hem aan zijn, inderdaad, pijlstaart. Sommige vogels zijn iconisch, en de pijlstaart is er voor mij één van. Mijn allereerste excursie met de Vogelwerkgroep Tholen, als ventje van twaalf, was naar de Molenplaats bij Bergen op Zoom. En een van de vogels die ik daar voor het eerst van mijn leven door de telescoop zag was: een mannetje pijlstaart. Toen vriend Peter en ik een paar dagen later bij de Oesterdam een stel eenden uit de Karrenvelden zag opvliegen, herkenden we ze meteen: ook weer pijlstaarten. Zo zie je, vroeg geleerd… Lees verder

Lichte buizerd in de top

Wit, bruin, zwart en alle schakeringen ertussen. Je vindt het bij de buizerd. Meestal zie ik bruine exemplaren met een mooie lichte slab. Zwart heb ik ze nog niet vaak gezien, misschien zelfs wel nooit. Maar zwarte buizerds (of bijna zwarte) schijnen te bestaan. En dan natuurlijk de witte. Elke winter zag ik er steevast één tussen Pijnacker en Zoetermeer. In oktober zat hij er plots weer, en in maart was hij even plots weer weg. Steeds in hetzelfde weiland, op een van de paaltjes. Nu heb ik hem al een tijdje niet meer gezien. Een paar weken geleden zag ik deze. In de top van een boom op de Philipsdam. Hij bleef netjes zitten en liet zich van een afstandje filmen.

Waterral foerageert in de rietkraag

Gisteren publiceerde ik de opname van een cetti’s zanger vanuit de vogelkijkhut op de Philipsdam. Vandaag komt daar de waterral bij. Die schuimde namelijk ook door het riet. Eerst hoorden we hem ver weg in het struweel. Maar plots zagen we hem uit de rietkraag te voorschijn komen. Dat moment kon ik in alle rust opnemen. Kijk maar eens:

Een cetti’s zanger kruipt door het riet

‘Een heggenmus,’ speculeerde ik zonder verrekijker. ‘Of een winterkoninkje’. ‘Nee’, hield vriend Sjaak vol, ‘hij heeft geen strepen.’ Pas na een poosje viel het kwartje: een cetti’s zanger. We hadden nog niet veel bijzonders gezien vanmiddag (behalve dan de grote gele kwikstaart in een sloot bij Oude-Tonge) en besloten de dag af te sluiten in de vogelkijkhut op de Philipsdam. In de hoop een waterral of zelfs roerdomp over het ijs te zien schuifelen. De roerdomp werd het niet. Waterral wel en als kers op de slagroom deze cetti’s zanger. Ik geef toe dat de beelden niet je van het zijn, maar de nakende schemering is toch een goed excuus?




Pimpelmees stript een rietstengel

Gek eigenlijk, in de winter kom ik vaak pimpelmezen tegen in het riet. Maar koolmezen en staartmezen nooit. De pimpelmezen strippen rietstengels op zoek naar insecten. Zoals deze in de rietkraag naast de vogelkijkhut op de Philipsdam. Hij pikt de ene na de andere stengel open. De splinters vliegen in het rond. Maar ik blijf het gek vinden. In het riet wel pimpelmezen, maar geen koolmezen of staartmezen. In elk geval niet zo pikkend in een stengel. Maar misschien heb jij dit gedrag ook gezien bij andere mezen?

Hopeloze zaak in het café

Een laatste vakantiedag moet je nuttig besteden, en wat is nu nuttiger dan een vogeltochtje over de eilanden? Drie eilanden, welteverstaan: Goeree-Overflakkee, Sint-Philipsland en Tholen. Op Goeree de afslag Nieuwe-Tonge en over de modderige binnenwegen naar Battenoord geglibberd. Er wordt nog geoogst op de akkers. Mijn zwarte auto is zo zwart niet meer. De flamingo’s lieten zich in het druilerige weer van aardig dichtbij bewonderen. Er scharrelden wat steltlopers rond: bonte strandloper, zilverplevier, tureluur en wulp. Het altijd aangename geluid van de rotgans vermengde zich met het gakken van de flamingo’s. Een mooi punt daar, dat pittoreske haventje van Battenoord. Hoe je er moet komen, lees je hier.

Door naar de Philipsdam. Tegen de Grevelingendam liggen een paar plassen. Momenteel zeer in trek bij tafeleenden die er overwinteren. Veel mannetjes met die prachtige rode koppen. Houdt afstand, ze zijn schuw. Als je dat doet en je richt je telescoop op de groep eenden: fenomenaal beeld. Daarna achter het restaurant wadvogels bekeken. Rotgans, pijlstaart, bergeend, bonte strandloper, rosse grutto, zilverplezier, scholekster, wulp en zilverplevier. In de mosselkwekerij twee kuifduikers. Lees verder

Winterkoninkje in het riet

De vogelkijkhut op de Philipsdam is in principe een hut avant la lettre. De voorzijde kijkt uit over een ondiepe inham van het Krammer. En de achterzijde biedt een blik op struweel en een strook riet. Tel daarbij op dat de hut bestaat uit twee lagen: één hoog op struikhoogte en één laag, zowat gelijk met het waterpeil. Nu nog een dooie wilgenstok in het water, pal voor de hut, en de ideale hut om de ijsvogel te zien of te fotograferen is geboren. En als de zon vanaf volgende week nu eens in het westen wil opkomen om over het noorden naar het oosten te zwenken, dan is de lichtval de hele dag uitstekend. Zaterdag kwam hij trouwens voorbij scheren hoor, de ijsvogel. Een paar seconden stond hij te bidden boven het water om vervolgens met een wijde boog achter het broedeiland te verdwijnen. En toen dook aan de achterzijde dit winterkoninkje op. Een sluip-door-kruip-door vogel waarvan je op het eind alleen nog zijn staart ziet en dan: verdwenen onder de bladeren.

de beste vogelgidsen 2016

Ekster ruziet met zeearend

Een verjaardag dreef me vandaag naar het eiland Tholen. Een goede reden om de Philipsdam met een bezoekje te vereren. De twee waterrallen voor de vogelkijkhut maakten een hoop herrie, maar zelfs een glimp gunden ze me niet. En dat is jammer, want een waterral, die heb ik nog niet gefilmd. De vogels lieten zich niet dwingen en dus koers naar het eiland. Daar zag ik zowaar deze zeearend zitten. Vlak voor de afslag naar het recreatieterrein. In de top van een dooie boom. Een ekster heeft het niet zo op hem en danst van tak naar tak, aldoor krassend en sarrend. Grote vriend trekt zich er niets van aan, sterker nog, het lijkt wel of hij met een achteloze scheet de ekster heen zendt.

mijn roofvogels rob bijlsma