Recensie: Zomergasten, doortrekkers en overwinteraars, Arjan Dwarshuis

In zijn nieuwe boek Zomergasten, doortrekkers en overwinteraars neemt de bekende vogelaar Arjan Dwarshuis je mee op een ontdekkingstocht door de Nederlandse natuur. Natuurlijk staan daarbij de vogels centraal, maar je leest in zijn levendige en persoonlijke verhalen ook over andere dieren en over de samenhang tussen allerlei soorten die in de Nederlandse natuurgebieden voorkomen. Natuurlijk besteedt hij ook aandacht aan onze omgang met de natuur en hoe wij onze kostbare (en kwetsbare) ecosystemen kunnen behouden. Met een voorwoord van presentator Humberto Tan die er ook regelmatig op uit gaat om vogels te kijken.

Vogels kijken doet een vogelaar het hele jaar rond. Elk jaargetij heeft zijn charmes. En vaak bezoek je in het ene seizoen heel andere gebieden dan in het andere. Zo breng ik in het voorjaar veel meer tijd door in moerasgebieden als de Zouweboezem en de Biesbosch, en ben ik in najaar en winter veel vaker te vinden in natuurgebieden langs de kust. Dat geldt ook voor Dwarshuis. In dat opzicht is er al veel herkenning. Zomergasten, doortrekkers en overwinteraars kent vier hoofdstukken: Winter, Lente, Zomer en Herfst. En in elk hoofdstuk gaat hij in een aantal natuurgebieden vogels kijken. Heel Nederland komt daarbij aan bod, van Zuid-Limburg tot De Boschplaat op Terschelling en veel gebieden daartussen. Een goed voorbeeld ook voor mij. Ik blijf meestal een beetje in de zuidwesthoek hangen en vind het noorden al snel te ver weg. Terwijl daar bijvoorbeeld in najaar en winter veel te beleven valt op vogelgebied. Ook in de zomer overigens. Denk alleen al aan de grauwe kiekendieven in de Groninger polders.

Gelukkig herken ik de nodige gebieden. In het eerste gebied dat hij bezoekt, de Kwade Hoek op Goeree-Overflakkee, ligt hij een half uur plat op zijn buik in het kwelder om een groepje strandleeuweriken te bekijken. Totaal verkleumd verlaat hij dit fantastische natuurgebied na het zien van een wolk putters en een smelleken dat een graspieper vangt. Een bange vraag bekruipt hem: zullen de fraters en strandleeuweriken over een aantal jaar nog wel in ons land te bewonderen zijn? Ik mag het hopen, maar soms vrees ik met hem.

recensie zomergasten doortrekkers en overwinteraars arjan dwarshuis

Tja, wie de Kwade Hoek doorkruist, ontkomt niet aan een bezoek aan de Brouwersdam. Zeker niet in de winter. De dag dat Dwarshuis de dam bezoekt is het koud, maar windstil. Dat is aan de kust wel eens anders. Dan sta je zelfs in de dikste winterkleren nog te klappertanden. In de winter is dit ook voor mij één van mijn favoriete vogelgebieden. Ik lees veel over de geschiedenis van de Brouwersdam én dat het juist het diepe en voedselrijke zeewater langs de Noordzeezijde is, die massa’s zeevogels aantrekt in de winter. En inderdaad, in de winter kun je hier héél veel soorten zeevogels zien, waaronder de ijsduiker en eidereenden. Van die achtergrondinformatie leer ook ik nog heel veel.

Maar even niet te veel aan de winter denken. Het is tenslotte volop lente op het moment dat ik deze recensie schrijf. In de lente blijkt onze voorkeur voor natuurgebieden ernstig af te wijken. En dat is leuk, want zo ontdek ook ik weer eens wat nieuwe vogelgebieden, zoals het Rozendaalse Bos, het Amsterdamse Bos en het Zuidlaardermeergebied. Alleen de Maasvlakte ken ik wel, zeker het gebied rond de stuifdijk, maar ik kom daar alleen tijdens de najaarstrek. Laat Dwarshuis daar nu net tijdens een bezoek in het voorjaar één van de meest zeldzame vogels van ons land voor de lens krijgen: de Cassiarjunco, een dwaalgast uit Noord-Amerika. Met recht de meest zeldzame vogel van ons land, want het was de allereerste waarneming in ons land ooit! Hij had van mij ook even mogen terugrijden naar de Westplaat waar het in het voorjaar wemelt van de zangvogels, waaronder de nodige nachtegalen.

Een gebied dat ik nodig moet bezoeken is Nationaal Park Weerribben-Wieden. Niet alleen omdat dit één van de meest waardevolle moerasgebieden van ons land is, maar ook voor de vele moerasvogels die er leven waaronder het klein waterhoen. En in de zomer leeft hier de grote vuurvlinder, een ernstig bedreigde dagvlinder, een ondersoort die nergens anders ter wereld voorkomt. Ondertussen geniet ik van de persoonlijke verhalen over hoe hij de natuur beleeft. Ook prachtig is te lezen dat er nog altijd plannen zijn om landbouwgrond rond het gebied op te kopen en om die percelen opnieuw in te richten tot natuur waar otter, purperreiger, zwarte stern en klein waterhoen zich thuis voelen.

Een bepaalde mate van afgunst maakt zich van me meester wanneer ik lees over zijn avontuur op de Holterberg waar Dwarshuis met een vriend baltsende korhoenders gaat observeren. Dat spektakel heb ik nog nooit gezien. Helaas is de oorspronkelijke populatie korhoenders uitgestorven. Stikstof blijkt de grote boosdoener. De populatie grote insecten kelderde waardoor korhoenkuikens nauwelijks overlevingskansen hebben. Ook het herintroductieprogramma lijkt geen schijn van kans te maken. Hopelijk weten we uiteindelijk wulp, tapuit en veldleeuwerik in het heidegebied wel te behouden, maar dat zal de ongewisse toekomst uitwijzen. Ondertussen heeft Dwarshuis wel het imponerende spektakel van bolderende korhoenders meegemaakt!

De Marker Wadden worden verkend, met vriendin Camilla die er het vogelonderzoek uitvoert. Het is een zomerse dag, de zon brandt op de vogelaars die helaas getooid zijn met een plastic veiligheidshelm. Het is zweten geblazen. Een kuiken van een visdief wordt vanonder een bos kamille getrokken. Het vogeltje is mooi op gewicht en zal er wel komen. Op de Marker Wadden floreert de vogelstand. Het project toont aan dat met de aanleg van nieuwe natuur snel een grote biodiversiteitswinst te behalen valt. Dat nieuwe gebied moest ik ook maar eens snel gaan verkennen!

Nederland, hoewel klein en één van de dichtstbevolkte gebieden ter wereld, blijkt een vogelland van formaat te zijn. En dat ondanks alle andere bedreigingen die er zijn. Denk aan de uitstoot van stikstof, de vervuiling van lucht, water en grond, uitbreiding van bedrijventerreinen, van wegen en woonwijken en meer onheil van beton, staal en commercie. Elk seizoen heeft zijn bekoringen. Elk seizoen heeft zijn eigen vogelgebieden.

Wil je weten wat vogels kijken zo mooi maakt? En wáár je al dat schoons kunt zien en ook: wanneer? Arjan Dwarshuis voert je in zijn boek Zomergasten, doortrekkers en overwinteraars mee op zijn vogeltochten door Nederland. Je ontdekt (nieuwe) vogelgebieden, leest over de vogels die je er kunt zien, over de achtergronden van het gebied en natuurlijk ook over de persoonlijke avonturen die Dwarshuis er met vrienden beleeft. Zijn schrijfstijl is zoals we hem kennen van de Vogelspotcast: toegankelijk, doorspekt met grappen, leerzaam. Foto’s van vogels en vogelaar sieren het boek op. Trouwens, alleen al voor de fantastische foto van de roerdomp op het omslag zou je het boek kopen! De vormgeving is evenals de inhoud aanlokkelijk mooi met de poten van de moerasvogel doorlopend naar de achterzijde.

Zomergasten, doortrekkers en overwinteraars / Arjan Dwarshuis / Uitgeverij Meulenhoff / als paperback en als e-book

Mijn tips voor natuurbeleving en vogels kijken

Met deze tips beleef je de natuur nog intenser en komen de vogels letterlijk dichterbij:

(voor elk budget de drie beste opties)

(héél véél keuze, en zelfs met geheel contactloos verblijf en dus veilig!)

(voor elk budget een paar opties)

(per provincie gesorteerd)

(aantrekkelijke planten voor vogels, vlinders en andere insecten)

(lees hier mijn tips om spechten, mezen en roofvogels naar je tuin te lokken)

(mijn persoonlijke top tien)