Recensie: Wat stilte wil, Arthur Japin

Deze week las ik voor het eerst een roman van Arthur Japin: Wat stilte wil. Het verhaal van Anna, een telg uit de roemruchte patriciërsfamilie Witsen waarvan één voorvader het zelfs schopte tot burgemeester van Amsterdam, een feit dat in de negentiende eeuw nog altijd telt. Maar zelfs in de beste families is het onheil nooit ver weg. En dat blijkt uit deze van begin tot eind beklemmende roman.

Een welgestelde familie waarvan moeder en één zoon niet meer in leven zijn. Zus Cobi bestuurt bij afwezigheid van de moeder het gezin. Zij ziet er nauwgezet op toe dat het gezinsleven op Ewijkckshoeve onberispelijk verloopt, want stel dat de mensen mochten oordelen dat … Jonas Jan, de vader, ijzerhandelaar in ruste, als bestuurder en mecenas actief in de Amsterdamse cultuurscène, onderhoudt het artistieke en vrije leven van zoon Willem. En Anna? Ach, ze is een dochter en van dochters in welgestelde families wordt verwacht dat ze blijven in het keurslijf dat het voorgeslacht voor hen heeft geweven. Anna, levenslustig als ze is, past dat keurslijf echter niet. Zingen wil ze, en zingen zal ze, dat is haar ultieme verlangen, liefst uiteindelijk in het openbaar, op het podium van theater of ander artistieke tempel. En dat is niet naar de zin van Cobi, want zingen voor een betaald publiek, dat doe je niet, ‘dat is iets voor hoeren’.

Je proeft al snel: dit kan niet anders dan mis gaan. Anna pendelt heen en weer tussen Ewijkckshoeve en Amsterdam. In de hoofdstad staat ze onder de hoede van haar broer Willem Witsen. Ze geniet er van het artistieke en vrije leven van jonge kunstenaars die later als De Tachtigers door het leven zullen gaan en waarvan Willem Kloos één van de bekendste is. Ze krijgt er zangles van de beroemde Julius Röntgen, maar een studie aan het conservatorium, hoewel ze toegelaten werd, gaat natuurlijk niet door. Dat past haar niet, wat zullen de mensen wel niet vinden, en wie moet er dan voor vader Jonas Jan zorgen nu Cobi in het huwelijk treedt en in Den Haag gaat wonen?

Ik heb ervan genoten hoe Arthur Japin het leven van Anna op fijngevoelige wijze beschrijft. En hij doet dat in een ietwat barokke stijl die de schrijfstijl in de negentiende eeuw benadert. Ik vind het buitengewoon knap hoe hij dat tot de laatste bladzijde volhoudt. Gaandeweg het verhaal wordt het steeds duidelijker dat een fijngevoelig verhaal niet per definitie een romantisch verhaal is. Anna met haar avontuurlijke karakter wordt op een zeker ogenblik op aanraden van Free van Eden gedwongen opgenomen in een psychiatrische inrichting. Opdat ze weer tot zichzelf zal komen. De behandelingen lopen op niets uit en plots krijgt ze wat ze wilde: de vrijheid, maar juist op dat punt gekomen, voel je dat haar leven een wrede wending gaat nemen. Haar ultieme droom komt uit, ze mag zingen in Odeon en je voelt aan alles dat haar optreden niet de gewenste afloop gaat krijgen waar Anna op hoopt.

recensie wat stilte wil arthur japin

Een wrede roman, dat is het uiteindelijk. En dat kan niet anders, want sociale controle is wreed, en jezelf aan het keurslijf ontworstelen kost je haast je leven. Je moet dit hebben meegemaakt, wil je dit van binnenuit kennen, en iets, een flard ervan, herken ik, hoewel op een andere manier. Aan de leiband te moeten lopen, en dat niet willen, maar tegelijkertijd ook niet bij machte zijn om de vrijheid te bemachtigen en je diepste verlangens te moeten onderdrukken. Dat moet wel misgaan.

Wat stilte wil. Ik heb een tijdlang nagedacht wat de lengte en de diepte van deze titel is. Ik ben er nog niet uit. Maar de beklemming is er niet minder om.

Een interessant element in deze roman is dat het geslacht Witsen ook in werkelijkheid een patriciërsgeslacht was. Willem Witsen en zijn vrienden zouden later als De Tachtigers door het leven gaan, vernieuwers van de kunst en met name van de literatuur. Broer Willem zou later een beroemde fotograaf, schilder en graficus worden. Dat maakt deze roman, hoewel het een fictief verhaal is, des te interessanter. In het Nawoord licht Arthur Japin toe op welke manier Anna de kunstenaars die behoren tot De Tachtigers heeft beïnvloed. Haar invloed blijkt niet gering. Ze dook in dagboeken en brieven op van de kunstenaars. Julius Röntgen schreef een compositie voor haar en Jan Toorop wijdde een tekening aan haar, Tuin der weeën. Herman Gorter schreef een indrukwekkend gedicht waarin het allesoverheersende verlangen van een zangeres wordt beschreven.

Wat stilte wil. Hoewel fijngevoelig en in zekere zin lichtvoetig geschreven van begin tot eind een beklemmende roman. Ik heb ervan genoten en geef deze roman een prominente plaats in mijn boekenkast.

Wat stilte wil / Arthur Japin / Arbeiderspers / als hardcover en als e-book

Verwelkom nieuw leven in jouw tuin dit broedseizoen!