Recensie: Kievitskoorts, Siebren Siebenga

Sommige dingen kun je je haast niet meer voorstellen en daar hoort het rapen van kievitseieren en het jagen op kieviten zeker bij. Toch is het zo lang niet geleden dat in Friesland elk jaar het eerste kievitsei werd aangeboden aan de Commissaris van de Koning(in). Maar het aantal weidevogels en ook kieviten daalde dramatisch en nu mogen de eieren niet meer geraapt worden. In het boek Kievitskoort blikt Siebren Siebenga met de nodige weemoed terug op een goeie ouwe tijd.

Kievitskoort is het verhaal over een tijdperk waarin het normaal was dat er volop werd geoogst in de natuur. Brak de lente aan, dan was ‘de ziekte in het land’. Of althans, in Friesland. Welke pandemie ging er dan rond, vraag je je in deze coronatijd af? Wel, de kievititis. Sommige mensen leden er in ernstige mate aan. Ze konden over niets anders praten dan over het zoeken naar kievitseieren. Maar gelukkig, zo bezweert de schrijver van Kievitskoorts, na het raapseizoen werden de eierzoekers weer normale mensen waar ook weer normaal mee te praten viel.

Kievitskoort gaat grotendeels over het verlangen om het eerste kievitsei te vinden. Maar ook over eieren rapen als levensonderhoud. Sommige eierzoekers namen tijdens het raapseizoen tijdelijk ontslag. Ze stelden voor eigen rekening een vervanger aan en gingen dan zelf kievitseieren zoeken. Zo veel eieren vielen er te rapen dat het hun normale salaris ruimschoots overtrof. Dat waren de tijden waarin de landbouw nog kleinschalig was. Het grondwater stond hoog, de plantenweelde in de weilanden was rijk. Het gonsde er van de insecten en dus ook van de weidevogels. Wie erop uit trok om kievitseieren te rapen, die raapte ondertussen ook de eieren van andere weidevogels als grutto, wilde eend en scholekster. De vele zwartwit foto’s brengen je terug in een wereld die niet meer bestaat. Zo zie ik ene Cor van der Starre in de weer met een vangplaats voor kieviten. Houdt burgemeester Willem van Mourik een ketting met daaraan vijftien eerste kievitseieren omhoog. Zweeft Jinke Kuperus-Hoekstra aan een polsstok door de lucht, een leeg zakje shag met daarin het eerste kievitsei van dat jaar tussen de lippen. Jawel, ook vrouwen raapten eieren, hoewel ze in aantal door de mannen werden overtroffen. Op de laatste foto in het boek hurkt Klaas Stapensea op een akker voor een kievitsnest om het te beschermen. Als ik de auteur mag geloven gingen eierenrapen en het beschermen van weidevogels hand in hand. Helaas konden de eierrapers het tij niet keren. De intensieve landbouw deed namelijk wel wat zij niet deden: de weidevogels op de rand van de afgrond brengen.

recensie kievitskoorts siebren siebenga

Kievitskoorts gaat echter niet over eieren rapen alleen. Er werd in vroeger tijden ook op kieviten geschoten. Sterker nog, in zuidelijk gelegen landen wordt er nog altijd op kieviten geschoten. Frankrijk, Spanje, Italië en een paar vakantie-eilanden in de Middellandse Zee blijken voor vogels nog altijd geen rustige vakantieoorden te zijn. En dat is vreemd, want wanneer ik goed lees, dan leveren kieviten taai vlees. En dan verbaas ik me ook over één ding, namelijk dat in ons land al in de negentiende eeuw de jacht op kieviten werd gereguleerd en tegengegaan. Ook toen liep het aantal kieviten kennelijk al terug. Maar waar ik me nog het meest over verbaas is dat men daar kennelijk ook toen al oog voor had!

Pas besprak ik het boek De smaak van reiger. Een boek over het eten van vogels waarvan je niet zou verwachten dat die gegeten worden of werden. Wat me opviel in dat boek, en dat element komt ook in Kievitskoorts terug, is het beroep dat jagers, rapers en eters doen op ‘de traditie’. De traditie is voor velen even heilig als de Heilige Schrift en in beton gegoten. En dat geldt ook voor de jacht op de kievit in Zuid-Europa. Daar zijn de aantallen afgeschoten kieviten de afgelopen decennia hard achteruit gegaan, maar geschoten wordt er nog altijd. Ik geef toe: Frankrijk bezoek ik ontzettend graag om er vogels te kijken, maar er zijn slechtere redenen om een land niet meer te bezoeken.

Ondertussen, en dat moet worden gezegd, blijken de Friezen zo star nog niet. Onder druk van nieuwe tijden werd de traditie gemoderniseerd. Vanaf 2014 is er een nieuw ritueel met als motto: Het eerste ei blijft in de wei. Eierzoekers gaan erop uit, op zoek naar kievitsnesten en wie het eerste ei meldt, die krijgt bezoek van de commissaris en mag de traditionele oorkonde, een prachtig beeldje van de Sulveren Ljip en vijftien euro in ontvangst nemen. Jammer is wel dat de betrokkenheid bij wat er in de wei gebeurt, onder de bevolking sterk afnam. Het contact met eierzoekers en boeren verwaterde. De eierzoekers die ook nesten beschermden, staakten hun activiteiten. Vrijwel niemand die zich nog druk maakt over het wel en wee van de kievit en andere weidevogels. En helaas geldt dat niet alleen voor Friesland, maar ook voor alle andere provincies die ons land rijk is.

Dat eieren zoeken jarenlang een ecologisch onschuldige activiteit was, kun je je haast niet voorstellen. Maar dat schrijf ik, een vogelaar die in 2021 actief is. Ik kan me niet voorstellen hoe rijk het platteland aan vogels moet zijn geweest in de jaren vijftig. In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog. In de negentiende eeuw, de achttiende en ga zo maar verder terug in de tijd. Dat waren tijden waarin eieren rapen kennelijk kon zonder de populatie al te nadelig te beïnvloeden. Systematische gegevens over ontwikkelingen van de kievitspopulaties door de jaren heen, ontbreken echter in Kievitskoorts. Of het rapen van eieren echt niet nadelig is geweest, valt op basis van dit boek niet te concluderen.

Een boek vol weemoed, en nostalgie. Hoe een eigenzinnige provincie zich decennialang overgaf aan het zoeken en rapen van kievitseieren. Die goeie ouwe tijd ligt helaas ver echter ons en de traditie werd langzaam maar zeker onhoudbaar. Voor wie met dezelfde weemoed terug kijkt naar de gouden jaren van het eierenrapen is Kievitskoorts heerlijk leesvoer. De verhalen over markante eierrapers spreken tot de verbeelding. Met het eierenrapen ging meer verloren dan alleen die traditie. De kievit ging verloren. Hij verdween uit harten en hoofden van velen, van boeren en burgers en buitenlui, en daarmee werd de weidevogel overgeleverd aan de onverschilligheid van de markt. Hopelijk heeft de kievit ondanks alles nog toekomst in Friesland en de rest van ons land.

Kievitskoorts / Siebren Siebenga / Uitgeverij Noordboek / als hardcover

Mijn tips voor natuurbeleving en vogels kijken

Met deze tips beleef je de natuur nog intenser en komen de vogels letterlijk dichterbij:

(voor elk budget de drie beste opties)

(héél véél keuze, en zelfs met geheel contactloos verblijf en dus veilig!)

(voor elk budget een paar opties)

(per provincie gesorteerd)

(aantrekkelijke planten voor vogels, vlinders en andere insecten)

(lees hier mijn tips om spechten, mezen en roofvogels naar je tuin te lokken)

(mijn persoonlijke top tien)