Recensie: Het verslag van Brodeck, Philippe Claudel

het verslag van broceckDeze weken heb ik een oudere roman van de Franse schrijver Philippe Claudel herlezen: Het verslag van Brodeck. Een roman die ik ook nu weer ademloos las. Geen roman waar je vrolijk van wordt trouwens. Claudel weet op een geraffineerde manier het catastrofale in de mens te beschrijven in een meeslepend verhaal dat je nog lang bijblijft.

Koop dit boek

 

 

Brodeck, de man die terugkeerde van een plaats waar niemand van terugkeert. Ooit vestigde hij zich met Fédorine, niet zijn moeder maar wel een wijze moederfiguur, in het geïsoleerde bergdorp. Het jongetje was wees, zijn ouders stierven waarschijnlijk door oorlogsgeweld, maar hij kan zich dat niet herinneren. Brodeck, de man zonder verleden maakt geschiedenis in het bergdorp te midden van bewoners die gevormd zijn door de bergen. De een is zijn verstand verloren, een ander is een onderkruiper en weer een ander woont het hele jaar hoog in de bergen en komt slechts een paar keer onder de mensen. Allen zijn ze behept met frustraties en kwaadaardigheid. En daar groeit Brodeck op, loot van een eeuwenoud geslacht, een geslacht waarvan de wortels ver weg liggen van het dorp. Het dorpje heeft geen naam, maar de uitdrukkingen die de dorpelingen bezigen, en de beschrijvingen van de natuur en omgeving, suggereren dat Claudel je meevoert naar Oostenrijks grondgebied.




In de eerste regel van Het verslag van Brodeck val je regelrecht in de catastrofe. Dreiging en angst vervullen de herberg waar alle mannen van dorp zich hebben verzameld. Het is duidelijk: er heeft iemand het leven gelaten en Brodeck wordt de opdracht gegund verslag te doen van de toedracht. Brodeck, ooit door de dorpelingen naar de Hoofdstad gezonden om te gaan studeren. Brodeck die niet langer in de Hoofdstad verbleef, want moest vluchten voor geweld en moordzucht jegens Fremdër. Hij vluchtte met zijn Emélia, een innemend meisje waarin geen bedrog was. Het stel trouwt en vestigt zich in het bergdorp. Maar de moordzucht in de Hoofdstad groeit uit tot een wereldoorlog en op een kwade dag marcheren soldaten het bergdorp binnen en hakken de kop van de hersteller van aardewerk af. De geur van het lijk bedekt als een deken het dorp. Angst neemt bezit van de dorpelingen en om de gemeenschap te beschermen worden Brodeck en nog een Fremdër geofferd. Je snapt ondertussen wel tot welk volk de Fremdër behoren? Brodeck wordt in het kamp waaruit niemand ooit terugkeert Hond Brodeck. Hij loopt aangelijnd als een hond door het kamp, meegevoerd door de kampsoldaten. Hij slaapt met de honden in het hondenhok en piest, likt en eet gelijk de viervoeters. Hij wordt een niets en hooguit een soort:

‘We waren niet langer onszelf. We waren niet langer ons eigen bezit. We waren geen mensen meer. We waren alleen nog maar een soort.’

Anders dan hen die trouw bleven aan zichzelf, overleefde hij het kamp. Hij keert terug naar het bergdorp waar iedereen verbijsterd is hem weer te zien. Alleen zijn vrouw Emélia niet. Zij zingt haar eentonige en blijmoedige lied en kijkt met blinde ogen de wereld in. Ze heeft haar verstand verloren toen ze wreed werd verkracht door de vijandige soldaten, maar ze besloot te blijven leven want zij wist dat Brodeck terug zou keren. Zij wel. Maar nu hij er weer is, kent ze hem schijnbaar niet meer. De liefde van Brodeck voor Emélia is er niet minder om, zelfs niet voor Poupchette, het kind verwekt tijdens de gruwelijke schanddaad. In alle gruwelen blijft de liefde van Brodeck puur en teer. Je zou haast het Bijbelse gezegde citeren: ‘de liefde overwint alles’,  maar vergis je niet: de pastoor is aan de drank en heeft zijn geloof in God verloren. Hij verzamelt het kwaad van het dorp. Hij is pastoor bij de gratie van de biecht.

En dan arriveert de Anderer in het dorp. Een wonderlijk heerschap. Vreemd gekleed, merkwaardige gewoonten, vriendelijk doch afstandelijk. Zijn verschijning roept wantrouwen op, want de bergbewoners weten dat ze schuldig zijn. Zal de Anderer, dat zondeloze wezen, hun schuld bloot leggen? Dat is ongepast. Niet alleen individuen zijn in gevaar, de hele gemeenschap wordt bedreigd. De geschiedenis herhaalt zich: om de gemeenschap te beschermen moet deze gezuiverd worden. De Anderer wordt geofferd en Brodeck wordt verzocht de toedracht minutieus op schrift te stellen. Hij kwijt zich gewetensvol van zijn taak en werkt tegelijkertijd aan het verslag van zijn eigen leven. Claudel weeft die twee verslagen en verhaallijnen op meeslepende manier in elkaar.

Ik zal de afloop van Het verslag van Brodeck niet verklappen. Het verslag komt af en Brodeck geeft het te lezen aan de burgemeester. Op briljante wijze verwoordt Claudel hoe een geïsoleerde gemeenschap omgaat met schuld, individuele en collectieve, wanneer de gemeenschap geen plaats biedt aan schulderkenning en – vereffening. In geval schaamte overheerst en een ieder er belang bij heeft het kwaad te verzwijgen. Het verslag van Brodeck blijkt bedoeld als een collectieve biecht: het kwaad wordt overgedragen aan de biechtvader en degene die heeft gebiecht is zogenaamd vrij en opgelucht. En zoals de dorpspastoor vlucht in de drank en het kwaad op die wijze wegspoelt, zo voelt Brodeck aan: het dorp wil het kwaad vergeten en daarom is er geen plaats voor ons.

‘Toen zei ik met een vreemde stem, die nauwelijks van mij was: ‘Morgen vertrekken we.’’

De roman Het verslag van Brodeck is geen roman waar je vrolijk van wordt. Een geïsoleerde gemeenschap wordt onder een vergrootglas gelegd. Catastrofes volgen elkaar in een beklemmend tempo op. Philippe Claudel ontpopt zich in Het verslag van Brodeck opnieuw als een begenadigd verteller. Lang nadat je Het verslag van Brodeck hebt gelezen, galmt het verhaal na in je hoofd.

Het verslag van Brodeck / Philippe Claudel / De Bezige Bij / Paperback en e-boek

Koop dit boek

 

literatuur