Recensie: Handboek vogels in vlucht, Tomasz Cofta

Dit weekend zat ik in een duin en volgde ik de vogeltrek. Duizenden zangvogels kwamen overvliegen, maar hoe ik ook mijn best deed, ze te herkennen in de vlucht was bar lastig, zo niet soms onmogelijk. Hoe herken je vliegende zangvogels? De gloednieuwe vogelgids Handboek vogels in vlucht van Tomasz Cofta beschrijft 237 Europese zangvogels en ‘bijna-zangvogels’. Alleen al het boek in je hand houden doet al heel veel vermoeden. Wie de gids opent, zal beamen dat dit een heel bijzondere en ontzettend leerzame gids is. Dit is wat mij betreft een geweldige en onmisbare aanvulling op je andere vogelgids(en). De Lage Landen zijn weer een indrukwekkende en innovatieve vogelgids rijker.

Grootte, structuur, vorm, kleur, vlucht, groepsgedrag en geluiden, dit zijn de kenmerken die van doorslaggevend belang zijn bij het determineren van zangvogels in vlucht. Maar een vliegende vogel heeft meerdere dimensies. Je kunt de vogel van opzij zien, of van onderop (van bovenop kan ook, maar komt denk ik minder voor, tenzij je op een heuvel of berg staat). Van vrijwel elke vogel vind je zowel het zijaanzicht als het boven- en onderaanzicht in vlucht. Ik vind het verbazingwekkend dat de auteur erin is geslaagd om al deze beelden te verzamelen en te maken. Het mooie is ook dat je bij elke soort zowel illustraties aantreft als een uitgebreide serie foto’s. Illustraties en foto’s vullen elkaar naadloos aan.

In de Inleiding proef je de rijkdom al die komen gaat. Natuurlijk, je vindt er al de nodige tekstuele uitleg, bijvoorbeeld over de zangvogels en bijna-zangvogels die je in het Handboek vogels in vlucht aantreft. Dat blijken 237 soorten te zijn die in Europa en Turkije zijn geregistreerd waaronder een aantal dwaalgasten uit Azië (piepers en lijsters). De meeste van deze zangvogels zijn trekvogels. De bijna-zangvogels zijn duiven, koekoeken, gierzwaluwen, ijsvogels, bijeneters, spechten en zo nog een paar soorten. Het zijn er 32 in totaal.

Sprekend zijn de illustraties die je al in de Inleiding aantreft. De pagina’s met de soort-vergelijkingen geven de silhouetten weer van een groot aantal vergelijkingssoorten. De grootste is de raaf, de kleine de goudhaan. Ook de silhouetten van zijaanzichten kom je in de inleiding al tegen, evenals die van de vleugelvorm en staartvorm. De staart kan gespleten zijn zoals bij de boomkruiper, of elliptisch getrapt bij de baarman. De graszanger daarentegen heeft een getrapte, ronde staart.

recensie handboek vogels in vlucht tomasz cofta

Zangvogels in vlucht herkennen, betekent ook dat de vlucht moet worden beschreven. Bij elke soort vind je een aanduiding die in de Inleiding wordt uitgelegd. Is de vlucht ‘fladderend’, dan vliegt de vogel ‘met vleugels die snel maar licht flappen, met ondiepe slagen.’ Een schokkerige vlucht wordt ‘gekenmerkt door abrupte bewegingen.’ Geloof het of niet, maar de tabel met de vluchtomschrijvingen is behoorlijk uitgebreid. Het gaat van aarzelend naar bochtig, van krachtig naar zwaar en alles wat er tussenin staat. Of neem nu de tabel waarin de V-golven worden beschreven, compleet met lijnen van het moment waarop de vogel flapt met zijn vleugels. Hier ontdek ik pas echt dat vogels kijken (soms) een hoogstaande kunst is en dat werkelijk elk detail, hoe ongedacht en haast niet waarneembaar ook, telt.

Dat zangvogels in vlucht vaak in groepen vliegen, dat zal de meeste vogelaars wel bekend zijn. Waar de veldleeuwerik vrij in vrij losse groepen vliegen daar vliegen putters in dichte en compacte groepen. Ook die verschillen worden in de Inleiding uitgebreid besproken. Evenals de vluchtroep waar plots sonogrammen tevoorschijn komen. En na deze informatie volgt nog veel meer. Echt, de Inleiding op zichzelf is al een ontzettend verrijkend hoofdstuk.

Al deze inleidende informatie vertaalt zich natuurlijk door op de soortpagina’s. Goed dus om de Inleiding door te lezen, iets dat er bij mij best vak inschiet. Maar die voorkennis heb je wel nodig.

Hoe vertaalt zich dit alles naar de soortpagina’s? Ik blader door de gids en mijn oog blijft haken op de pagina’s met de veldleeuwerik. Inderdaad, de grootte, structuur & vorm, de kleur, het gedrag in de groep en de roep worden beknopt beschreven. Bij de roep vind ik ook de sonogram van de vluchtroep. Bij de foto van een veldleeuwerik op de grond word je gewezen op de pagina’s van zangvogels die in de vlucht een sterke gelijkenis vertonen. In het geval van de veldleeuwerik zijn dat de kalanderleeuwerik met name en andere leeuweriken, de koperwiek, de grote pieper en de ijsgors. Verrassende soorten misschien, maar bedenk dat in vlucht opeens allerlei ongedachte soorten op elkaar lijken.

Toen ik afgelopen weekend in de duinen op Goeree-Overflakkee zat, kwamen er voortdurend groepen zangvogels over. En inderdaad, ik vergiste me regelmatig. Dan dacht ik dat er lijsters kwamen aanvliegen, maar bleken het leeuweriken te zijn. Meest veldleeuweriken, maar er zat ook een enkele boomleeuwerik tussen.

Wat ik vooral wonderschoon vindt in het Handboek vogels in vlucht zijn de illustraties en de foto’s. Steevast vind je op de linkerpagina’s loepzuivere illustraties van de vliegende zangvogel die je van onderen en/of van boven ziet en het zijaangezicht. Bij de veldleeuwerik zie je het aangezicht van onderen (de buik en ondervleugels) en het zijaangezicht.

Op de rechterpagina zie je maar liefst 12 haarscherpe foto’s van vliegende veldleeuweriken, in alle poses die je maar kunt bedenken. Van onderen, van boven, zijaangezicht met vleugels omhoog, met vleugels omlaag, de vleugels ingevouwen, de vleugels losjes naar beneden hangend. Kortom: een zéér compleet overzicht.

Achterin vind je het register op soortnaam. De binnenkant van de achterflap is ook een soort inhoudsopgave die je het makkelijk maakt om snel naar een soortpagina te navigeren. Op de binnenzijde van de voorflap vind je een QR-code die je verwijst naar een Engelstalige website waarop je per soort de vluchtroep kunt beluisteren. Dit register staat op volgorde van Engelse en wetenschappelijke namen. Gelukkig staan de paginanummers ook achter de vogelnamen vermeld.

De Lage Landen zijn weer een indrukwekkende en innovatieve vogelgids rijker. Telkens wanneer ik het Handboek vogels in vlucht in de hand neem, ben ik onder de indruk van het boek en van de inhoud. Dit is echt een formidabele vogelgids! Zou Tomasz Cofta nu ook bezig zijn met een vogelgids voor het herkennen van de vliegbeelden van de vogels die hij niet in deze gids heeft kunnen opnemen? Met de vliegbeelden van eenden, ganzen, reigers, roofvogels en steltlopers bijvoorbeeld? Ik hoop het, want deze vogelgids smaakt absoluut naar meer! Deze gids gaat een plaats krijgen in mijn vogelgidsen top 10!

Handboek vogels in vlucht / Tomasz Cofta / KNNV Uitgeverij / als paperback

Verwelkom nieuw leven in jouw tuin dit broedseizoen!