Recensie: Godenschemering, Daniël De Waele

Van de Vlaamse auteur Daniël De Waele verscheen in korte tijd een aantal grootse werken. Ontluikend christendom over het de context waarin het vroege christendom groot werd. Vergeten rijkdom over Joodse geschriften die in de vergetelheid zijn geraakt. En voorlopig ten laatste Godenschemering, een lijvig werk waarin de auteur nagaat hoe ons Godsbeeld in de loop der eeuwen veranderde. Dit laatste boek is een razend interessant boek voor iedereen die geïnteresseerd is in de religies van het westen.

De geschiedenis van ons Godsbeeld

De geschiedenis van ons geloof in God. Zo luidt de ondertitel. Het is dus niet de geschiedenis van God. Nee, het heeft een subjectieve component. Onderwerp van de studie is de geschiedenis van ons Godsbeeld. Dat het geloof in God zelfs al in oude tijden gevaar liep te verdwijnen blijkt wel uit het motto boven de inleiding waarin Zeus, toch niet de minste onder de goden, verzucht dat de zaak der goden er uiterst kritiek voorstaat. Hij houdt Hera, zijn gemalin, voor dat hij niet uitsluit dat de goden volkomen buitenspel zullen komen te staan, en erger nog: dat de goden helemaal niet meer in het spel zullen voorkomen! Tja, dat is wat pessimistisch gedacht van Zeus. Heeft niet elke tijd zijn eigen goden, in welke vorm dan ook? Feit is trouwens wel dat Zeus zich niet meer pleegt te openbaren onder de mensenkinderen, ook niet voor één van zijn plezierige uitstapjes waarmee hij de jaloezie van Hera opwekte. Ach ja, dat goddelijke rapaille op de Olympus heeft afgedaan, maar hoe verging het al die andere goden?

Oude tijden

Het moet worden gezegd: ook de goden van de Kelten en Germanen zijn niet meer onder ons. De goden van de Kelten versmolten me die van de Romeinen. En de Germanen geloofden dat natuurelementen als zon, maan, bliksem en bomen bezield waren. Geen wonder dat zij het hielden bij Donar, de God van donder, bliksem en oorlog en bij Wodan, de meester van de magie.

Daniël De Waele stelt in Godenschemering dat religie van alle tijden is. Al in het laatpaleothicum brachten onze verre voorouders tekeningen aan op de wanden van grotten. Niet voor de sier, maar om bekrachtigd te worden met de dierengeesten die hun immers bovennatuurlijke krachten konden geven. Al meteen maar De Waele de oversteek naar Jodendom en Christendom, maar in het kader van deze bespreking spring ik liever over naar het volgende hoofdstuk: dat gaat over de ontwikkeling van vele goden naar die Ene. We zijn dan echter al heel wat Romeinse, Griekse, Joodse en Christelijke opvattingen voorbij gegaan…

De ontwikkeling naar één God

Het hoofdstuk over de ontwikkeling van veelgodendom in het Midden-Oosten en Israël met name naar één God, vind ik een heel interessante. Wie meent dat zelfs een religieus boek als de Bijbel in dit opzicht altijd even consequent is, die moet zijn beeld bijstellen. Het oude Israël kende ook meerdere goden, waaronder Asjera, El, Baäl en Jahwe. Het voert te ver om de ontwikkeling te beschrijven. In het kader volstaat het lange verhaal kort af te steken: Jahwe bleef onder druk van heftige maatschappelijke ontwikkelingen en indrukwekkende profeten als enige van het stel over. In het oude Israël werd daarmee het monotheïsme geboren.

recensie godenschemering daniel de waele religiegeschiedenis

De relatie tussen God en geweld

Een probleem van alle tijden is de relatie tussen God en geweld. Zeker vanaf het moment dat de oorlogszuchtige goden het veld moesten ruimen en er in het oude Israël slechts één God overbleef: Jahwe van wie later de christenen zouden zeggen dat Hij liefde is. Maar hoe kan deze liefdevolle God in het Oude Testament het volk Israël geboden hebben complete volkeren uit te roeien. Van man tot kind, en van konijn tot schaap? Een heel boeiend hoofdstuk om te lezen.

Heftige discussies

In later tijden bleef het beeld van God onderwerp van – soms heftige – discussie. Vroege christenen van allerlei snit joegen elkaar de gordijnen in tijdens discussies over de drie-eenheid. Het eindresultaat, de belijdenis dat God een drie-enig God is, bleef over. Van Arianen, Nestorianen en andere ketterse stromingen bleef bar weinig over. Maar er waren nog andere problemen waarmee vroege christenen in het reine moesten komen. Was de algemene verwachting niet dat Jezus spoedig zou terug komen? Die apocalyptische verwachting kwam echter niet uit. Hoe nu verder met dit aspect van het Godsgeloof?

Over de vrije of onvrije wil

En een eeuw of wat later stond dook opeens Augustinus op het toneel op. Hij ging de discussie aan met Pelagius. Heeft de mens een vrije wil (zoals Pelagius betoogde) of niet? Het idee van de vrije wil kun je herleiden tot geschriften en teksten uit het Nieuwe Testament, maar dit idee heeft het lange tijd niet gered. Augustinus beriep zich juist op andere Nieuw Testamentische teksten over de uitverkiezing. En daarmee verdween het idee van de vrije wil in het orthodoxe christendom. Het zou echter een kwestie blijven die nu en dan weer zou opspelen, bijvoorbeeld in de ook al weer heftige discussies tussen Maarten Luther en Desiderius Erasmus in de zestiende eeuw. Het aardige is dat ook in de 21e eeuw er weer wordt gediscussieerd over de vraag of de mens een vrije of onvrije wil heeft. Nu onder druk van hersenwetenschappers als Dick Swaab die menen dat het mens-zijn samenvalt met het brein waarover elk individu beschikt en dat maakt de mens per definitie onvrij. Grappig om te ontdekken dat atheïstische wetenschappers de mens nu bestempelen als onvrij. Ik meende nu juist dat de mensheid, en in elk geval seculiere denkers, zich uit alle macht wilden bevrijden uit de handen van God. En dan betreedt in de 21e eeuw een figuur als Swaab plots het toneel en verklaart de mens opnieuw tot een onvrij wezen! Nu is de mens echter niet meer gebonden aan een God of aan goden, maar aan zijn brein, aan vergankelijke materie dus. Maar het idee dat de mens bij nader inzien toch niet beschikt over een vrije wil wordt gevreten als zoete koek. Het kan verkeren.

Charles Darwin

Weer een lange haal om sneller thuis te zijn. We slalommen wat door de geschiedenis en door Godenschemering in deze bespreking. Het protestantisme stimuleerde het individuele denken en daar gaf men zich in de westerse wereld dan ook met veel vreugde aan over. Met als onvermijdelijke ontwikkeling dat de profetie van Zeus waarheid werd. God werd dood verklaard door Nietzsche. Filosofen en wetenschappers vóór ‘de filosoof met de hamer’ hadden de wereld al in grote mate onttoverd. De naam van Charles Darwin moet hierin natuurlijk worden genoemd. Nu had zelfs de schepping geen God meer nodig om te ontstaan en onderhouden te worden. Darwin ontdekte dat de natuur op autonome wijze was ontstaan zich even autonoom ontwikkelde. God was in dit alles niet meer nodig en zo dachten er meer over.

God blijft het innerlijk van velen beroeren

En toch. Hoe dood God ook was, Hij bleef bestaan. Ondanks de onttovering van de wereld, bleef God het innerlijk van velen beroeren. Wat het niet Rudolf Otto die de prachtige term mysterium tremendum et fascinosum introduceerde? Er vonden nu en dan zelfs nog bizarre vormen van Godsverering plaats. En waar men in de negentiende eeuw onder de indruk was van het Romantische denken, daar sloop toch ook weer een hang naar God het mensenleven binnen als tegenwicht tegen onder andere industriële ontwikkelingen. Zelfs aan het eind van de twintigste eeuw komen seculiere denkers nog tot de slotsom dat een volgroeide, traditionele religie meerwaarde biedt aan het mens-zijn.

Eindeloos boeiend

Ik kan niet anders concluderen dan dat Daniël De Waele met Godenschemering werkelijk een indrukwekkend boek heeft geschreven. Ben je geïnteresseerd in de westerse religies dan beveel ik je Godenschemering meer dan aan. Het is met een zéér vlotte pen geschreven. Af en toe stemt een relativerende zin tot lachen. En het laat zien dat ons beeld van God bepaald geen statisch iets is. Ons beeld van God is dynamisch. Hij verandert met de tijden mee. Mocht je menen dat nadenken over God een suffe zaak is, dan kom je bedrogen uit. Integendeel: het denken over God is eindeloos boeiend!

Godenschemering / Daniël De Waele / KokBoekencentrum uitgevers / als paperback en als e-book

PS.
Goed om te weten: als marketeer van KokBoekencentrum uitgevers ben ik verantwoordelijk voor de promotie van het oeuvre van Daniël De Waele. Deze recensie, hoe positief ook, is echter op persoonlijke titel geschreven. Het laat vooral zien dat ook een marketeer behoorlijk enthousiast kan zijn over de boeken die hij onder de aandacht van de doelgroep mag en moet brengen. En aangezien mijn adagium is: elk boek dat ik lees, zal ik recenseren, heb ik niet geaarzeld om deze recensie op mijn website te publiceren.

Verwelkom nieuw leven in jouw tuin dit broedseizoen!