Recensie: Een immense wereld, Ed Young

Deze zomer las ik een heel fascinerend boek: Een immense wereld van Ed Young. Het is bij vlagen geen eenvoudige kost, maar ik vond het extreem interessant. Ed Young beschrijft namelijk de laatste stand van de wetenschap als het gaat om dierlijke zintuigen. Mocht je menen dat dieren op ongeveer dezelfde wijze als wij mensen hun omgeving waarnemen, dan heb je het faliekant mis. Dieren hebben ongedachte zintuigen ontwikkeld én geperfectioneerd. Ik viel van de ene in de andere verbazing. Alle reden dus om dit boek te lezen!

Vakantiehuis midden in de natuur

Op Natuurhuisje.nl vind je vakantiehuisjes midden in de natuur, in Nederland en ver daarbuiten. Je geniet van de stilte en vooral: van de natuur!

Ontzettend veel variatie in zintuigen in de dierenwereld

Dieren die hun omgeving waarnemen. Je zou denken dat zij daarvoor ongeveer dezelfde zintuigen gebruiken als wij: de ogen, oren, de neus, de mond en de tast. Op hoofdlijnen klopt dat aardig, maar in de dierenwereld is er zoveel diversiteit, dat het eigenlijk niet verwonderlijk zou moeten zijn dat er veel meer zintuigen zijn ontwikkeld. Dieren maken immers ook gebruik van echolocatie om obstakels en prooidieren op het spoor te komen. Ze maken gebruik van elektrische velden. Of ze zijn in staat om magnetische velden te zien. Er zijn ook dieren, en het zijn niet de minsten, die oppervlaktetrillingen kunnen waarnemen en die trillingen kunnen vertalen in zinnige informatie. Ook pijn ervaren (of juist niet) behoort tot de zintuigelijke wereld en hetzelfde geldt voor het ervaren van hitte. Vrijwel elk hoofdstuk bracht mij in vervoering, want de wereld van de zintuigen blijkt knap divers.

Neem het gezichtsvermogen…

Neem nu het gezichtsvermogen. Je zou denken dat koe, paard, kat en hond zo ongeveer hetzelfde beeld hebben van de wereld als wij. Of je zou evenals veel wetenschappers nog niet zo heel lang geleden kunnen denken dat honden kleurenblind zijn. Maar laat die ideeën maar varen! Er zijn eindeloze manieren om licht te zien en die eindeloze manieren zijn allemaal in zwang! Over honden gesproken: die zien wel degelijk kleuren, maar niet hetzelfde als wij mensen.

Aan de basis van al het dierlijk gezichtsvermogen zijn de opsine-proteïnen. Opsines blijken er in verschillende soorten te zijn en elke soort is het best in het absorberen van een bepaalde golflengte van licht. Maar kleurenzicht is niet alleen afhankelijk van het absorberen van golflengten in licht, je moet ze ook met elkaar kunnen vergelijken. Dat is een complex verhaal wat ik hier niet ga samenvatten, maar het komt er uiteindelijk praktisch op neer dat wij een heel andere regenboog zien dan bijen, honden, paarden en koeien. En dan wordt het verhaal nóg ingewikkelder, want Ed Young brengt dan het vermogen in om ultraviolet licht te zien. Dat kunnen wij mensen niet (of hoogst zelden een beetje) maar veel dieren zien juist wel ultraviolet licht. En dan ook weer allemaal op hun eigen wijze. Zelfs bloemen maken gebruik van ultraviolet licht in hun interactie met insecten. En daar maken dan vervolgens ook dieren weer gebruik van. Neem nu de krabspin. Krabspinnen liggen op bloemen op de loer om insecten te vangen. Voor ons nemen de krabspinnen de kleur aan van de bloem waarop ze zich bevinden. Maar de krabspinnen reflecteren zoveel uv-licht dat de bloem daarmee extra aantrekkelijk wordt voor bestuivende insecten. Je snapt dat dat de krabspin heel goed uitkomt… Verrassend in dit verband vond ik dat het blauw in het verenkleed van pimpelmezen veel uv-licht reflecteert. Voor elkaar zien pimpelmezen er dus heel anders uit dan voor ons mensen. En dat geldt voor het merendeel van de zangvogels.

recensie een immense wereld ed young

Of neem het gehoor…

Geluid dan. Ons menselijk oor blijkt beslist zo slecht niet. We hebben gewoon goede oren. Bepaalde dieren hebben echter hun gehoor geperfectioneerd voor de context waarin zij leven. Uilen kunnen zelfs in het aardedonker met behulp van hun gehoor bepalen waar hun prooidier zich bevindt. Dat komt omdat zijn twee oren op verschillende hoogten staan. Geluid van links komt dus iets harder of sneller in het linkeroor binnen dan in het rechteroor. En andersom. Uilen kunnen in het donker dus niet alleen horen dat er een prooi in hun ruimte aanwezig is; ze kunnen ook precies bepalen waar die prooi zich bevindt. Overigens: mocht je menen dat oren zich alleen aan hoofd of kop bevinden, laat dan je wereldbeeld maar varen. Oren kunnen zich ongeveer overal op het lijf bevinden: op de knieën van krekels en sabelsprinkhanen, op de buik van sprinkhanen en cicaden en op de mond van pijlstaarten. Bij vliegen liggen de oren in de nek, enzovoorts. Het is maar net waar je als dier je oren voor gebruikt en waar het geluid vandaan komt. Vogelaars moeten het hoofdstuk over het gehoor zeker lezen. Het verhaal van de vogelzang is ingewikkelder dan je zou denken. En daarmee ook een stuk boeiender.

Wist je dat de grootste walvissen elkaars geluid duizenden kilometers verderop kunnen horen? Een walvis voor de Amerikaanse kust kan zich hoorbaar maken voor een soortgenoot voor de kust van Schotland of Afrika. Het is werkelijk ongelooflijk maar waar! En wat ik ook niet wist: vleermuizen zenden zulke hoge frequenties uit dat wij ze niet kunnen horen, en dat is maar goed ook! Want ze doen dat zo hard, dat wij er diep ongelukkig van zouden worden als wij die frequenties wel zouden kunnen horen. Onze trommelvliezen zouden meteen kapot springen. En dan heb ik het nog niet gehad over vissen die gebruik maken van elektrolocatie, over olifanten die elkaar herkennen door de oppervlaktetrillingen en over vogels die magnetische velden op de aarde kunnen zien waarmee zij kunnen navigeren.

De conclusie van dit alles

Wat is de conclusie van dit alles? Allereerst dat de zintuigelijke wereld van het dierenwereld ontzettend divers is, ongedacht divers. Dat is op zich interessant en verwonderlijk. En dat veel van de zintuigelijke eigenschappen die dieren wel bezitten en wij mensen niet, aan ons voorbijgaan. Terwijl wij mensen onze omgeving wel zeer ingrijpend beïnvloeden! In één van de laatste hoofdstukken gaat de auteur in op de gevolgen van ons ingrijpen in onze omgeving. Die gevolgen zijn vaak desastreus. Er is veel te doen over natuurherstel en over herstel van biodiversiteit, maar het lezen van dit boek maakte me duidelijk dat de invloed van de mens nog veel ingrijpender is dan wij denken. Het zijn niet alleen de vernietiging van biotopen, het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en het vervuilen van onze omgeving die soorten doen uitsterven. Licht- en lawaaivervuiling spelen op zijn minst een even grote rol. En het vervelende is: het onderzoek naar de zintuigelijke ervaringswereld van dieren staat eigenlijk nog maar in de kinderschoenen. Ergo: we weten niet half wat wij mensen aanrichten in de dierenwereld.

Alle reden om dit boek te lezen

Laten we maar beginnen bij het doen van onderzoek. Het boek Een immense wereld van Ed Young ontsluit de meest recente uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek naar zintuigen bij dieren. Ik vind het een verbluffend boek. Ik stond in vrijwel elk hoofdstuk versteld van de manieren waarop dieren hun omgeving waarnemen. Dit boek houdt me nog wel even bezig, dat is wel zeker. Een immense wereld is soms best ingewikkeld om te lezen, zeker als je niet heel goed geschoold bent in de biologie (zoals ik). Maar laat je daardoor niet weerhouden om de overweldigende inhoud van dit boek tot je te nemen. Er is alle reden om dit boek te lezen!

Een immense wereld / Ed Young / Atlas Contact / als paperback en als e-book