Recensie: De wolf in de Lage Landen, Wim van Heugten

Na lang weggeweest te zijn, is hij weer terug in onze contreien: de wolf. In 2010 kwam hij vanuit het oosten ons land binnen. De jaren erna volgden andere wolven zijn spoor. Ze vestigden zich zelfs permanent en natuurlijk sneuvelt er regelmatig een schaap of pony. Is zijn weinig dieren te noemen waarover de meningen zo sterk uiteenlopen. Is de één vurig voorstander van de wolf in ons land, daar is de ander vurig tegenstander. Maar wat is eigenlijk onze geschiedenis met de wolf? In zijn kloeke overzichtswerk De wolf in de Lage Landen beschrijft Wim van Heugten de geschiedenis van de wolf. Het blijkt een heel rijke en soms ook heel bewogen geschiedenis te zijn!

Vijf hoofdstukken telt het boek De wolf in de Lage Landen. Eerst maken we kennis met de wolf. Hoe leefden wolf en mens door de eeuwen heen met elkaar samen en vooral: welke beelden ontstonden er? En als we spreken over de wolf, over welk dier hebben we het dan eigenlijk? Ik vind dit een heel mooi hoofdstuk. Al in het verre verleden had de wolf twee gezichten. In de Germaanse belevingswereld was hij enerzijds de dappere strijder en anderzijds stond hij voor hel en verdoemenis, een allesverslindend monster. De Romeinen eerden het dier natuurlijk vooral als de voedster van Romulus en Remus, de latere stichters van de stad Rome. Ook speelt de wolf in talloze sagen en legenden een prominente rol.

Het tweede hoofdstuk gaat in op het voorkomen van de wolf in de Lage Landen, Nederland én België. Wat waren ‘echte’ wolvengebieden? Hoe leefden mens en wolf samen en, een spannend hoofdstuk: hoeveel mensen zijn er in de loop der eeuwen slachtoffer geworden van de wolf? En dan hebben we nog het bijgeloof dat in voorbije eeuwen de mensen vervulde. Van wolf tot weerwolf en heks. Ik vind dit een heel interessant hoofdstuk. Uit archieven blijkt dat de wolf in vrijwel alle streken van de Lage Landen voorkwam. Alleen langs de Hollandse kust, in het Friese weidegebied en in Noord-Groningen zijn geen wolven geregistreerd. Doordat het landschap in de middeleeuwen veranderde (uitgestrekte bossen veranderden in kale landbouwgebieden) nam het aantal wolven toe. Het lijkt er zelfs op dat pas door de toename van de veeteelt in de twaalfde en dertiende eeuw de wolf veranderde in van de mens en zijn have. De schrijver merkt zelfs op dat het er op lijkt dat de uitgestrekte bossen van weleer niet perse de optimale leefgebieden waren voor de wolf. De polders rond Brugge en ook de Peel in de achttiende eeuw bleken een gunstiger leefgebied voor de wolf dan de bossen op de Veluwe.

Van Heugten heeft uitgebreid onderzoek gedaan in de archieven en heeft er verrassend veel gegevens opgeduikeld. Het zijn fascinerende ontdekkingen. Het wordt in dit hoofdstuk al wel duidelijk dat de wolf zo’n lieverdje niet was. Paarden en koeien waren niet veilig voor hem. Maar toen in de tweede helft van de zestiende eeuw het platteland als gevolg van de Tachtigjarige Oorlog ontvolkt raakte en ook nog eens de Kleine IJstijd uitbrak, toen raakte het deksel los van de doos van Pandora. Wolven raakten in de Kleine IJstijd uitgehongerd en waagden zich met hun uitgehongerde lijven tot midden in de dorpen. De priester Costerius noemt de wolf tot drie keer toe één van de plagen waarmee God de Nederlanden in die tijd strafte. Hij noemt in het rijtje de echte wolven, de wolven op twee benen (ontheemden, rebellen en vrijbuiters) en weerwolven.

recensie de wolf in de lage landen wim van heugten

Hoe werd de mens slachtoffer van de wolf? Natuurlijk doordat de wolf koe en paard aanviel en opvrat. Ook gaat Van Heugten in op hondsdolheid bij wolven. De kans om door een wolvenbeet deze ziekte op te lopen was weliswaar gering, maar de angst ervoor was levensgroot. Veel erger werd het toen door de verwoestingen op de platteland en de Kleine IJstijd de wolf ook de mens aan ging vallen. Wie meent dat de wolf geen mensen aanvalt, die heeft het mis. Wim van Heugten en mede-onderzoeker Wiro van Heugten (zijn broer die in 2013 is overleden) ontdekten hoe in 1590 in Vlaanderen honderden mensen omkwamen als gevolg van wolvenaanvallen. De wolf als existentiële angst deed zijn intrede. Ook uit later eeuwen zijn (dodelijke) wolvenaanvallen op mensen bekend. Van Heugten beschrijft verschillende aanvallen waarbij kinderen werden weggesleurd. Natuurlijk blijft het bijgeloof dan niet achter en prompt werden mensen aangezien voor weerwolven. En zoals de gewone wolf afgemaakt moest worden, zo lieten talloze ‘weerwolven’ het leven op de brandstapel. Dat een terechtstelling op de brandstapel er niet bepaald zachtzinnig aan toeging, blijkt uit een prent. De mens is de mens een wolf, is een gezegde, en dat blijkt inderdaad het geval. Soms bungelden mens en wolf gezamenlijk aan de galg.

Dit alles resulteerde in een intensieve wolvenbestrijding. Hoe dat eraan toeging beschrijft Van Heugten in het derde en vierde hoofdstuk. Op het hoogtepunt van de jacht (of het dieptepunt, het is maar net hoe je oordeelt), was alles toegestaan. Het was iedereen toegestaan wolven te doden. De jachtwetten golden immers niet voor de wolf. Massale drijfjachten waren het gevolg waarbij inwoners verplicht werden om mee te doen. Jachthoorn, hooivork en geweer waren de wapens waarmee men bos en veld afging. Gedurende het hele jaar was de wolvenjacht toegestaan, maar winter en voorjaar waren het gunstigst door het ontbreken van begroeiing en gewassen.

En dat leidde ertoe dat de wolf langzaam maar zeker uit de Lage Landen verdween. Omstreeks 1740 kwamen er nog grote aantallen wolven in de zuidelijke en oostelijke landstreken voor, maar rond 1850 was de wolf uit de Lage Landen verdwenen, uitgezonderd wellicht de zuidelijke Ardennen.

In het laatste hoofdstuk maakt de auteur enkele concluderende bewegingen. Welke factoren leidden nu echt tot het verdwijnen van de wolf uit de Lage Landen? Dat blijkt een proces van een aantal eeuwen te zijn geweest. En, verwonderlijk toch: de Lage Landen blijken een meer dan gewoon ‘wolvenland’ te zijn geweest. De wolf hoort hier gewoon thuis, misschien nog wel meer dan in landen als Duitsland en Frankrijk. Dat had ik niet verwacht.

In de tweede helft van de twintigste eeuw veranderde het imago van de wolf. Hij was niet langer een bedreiging, of een duivel. Wetenschappers ontdekten dat de wolf zowel op sociaal als op intellectueel vlak hoog scoort. Toch waren er ook in de achttiende eeuw al mensen die de wolf bewonderden om zijn intelligentie. Met deze eerste sporen van sympathie voor de wolf sluit Van Heugten zijn fantastische overzichtswerk De wolf in de Lage Landen af.

Conclusie

Dertig jaar lang deden Wim van Heugten en zijn in 2013 overleden broer Wiro van Heugten archiefonderzoek naar de wolf. Toch ook geweldig dat mensen dit met zo’n vasthoudendheid willen en kunnen doen! Dit monnikenwerk heeft geresulteerd in een geweldig boek dat ook nog eens prachtig is vormgegeven. Kosten noch moeiten zijn gespaard. Talloze indrukwekkende foto’s van de wolf sieren het boek, evenals schilderijen, prenten en andere kunstvoorwerpen. Perioden van vreedzaam samenleven werden afgewisseld door perioden waarin de mens de wolf de oorlog verklaarde. Begrijpelijk toch ook, wanneer je leest over de vele (dodelijke) wolvenaanvallen in de zestiende eeuw die het imago van de wolf als mensendoder versterkten.

Heel mooi. Ontluisterend soms. Geschreven met liefde voor wolf, mens én geschiedenis.

De wolf in de Lage Landen / Wim van Heugten / Uitgeverij Matrijs / als hardcover