Recensie: De tapuit, Herman van Oosten

Dit wat oudere deel in de vogelserie van Atlas Contact kreeg ik pas recent in handen. Ik las het met bijzonder veel fascinatie, want het beschrijft tot in detail wat er bij komt kijken als je onderzoek wilt doen naar een bepaalde vogelsoort, in dit geval natuurlijk De tapuit. En ondertussen ontdek je alles over het wel en wee van deze prachtige doch zeer bedreigde zangvogel in ons land en ver erbuiten. Dat de auteur persoonlijk zéér betrokken is op de tapuit spat van elke bladzijde af en dat maakt het lezen van dit boek tot een groot (vogel)feest.

‘Ik ken niemand die niet gelukkig wordt bij het zien van een tapuit.’ Zo luidt de allereerste zin in het boek en om voor mezelf te spreken: dat is helemaal waar. Zie ik een tapuit, waar dan ook, dan hou ik halt en probeer ik hem zo lang mogelijk te bekijken. En te filmen, dat natuurlijk ook. Helaas is het geen vanzelfsprekende zaak dat je tapuiten tegenkomt tijdens je wandeltochten, want daarvoor is het Nederlandse landschap te veel veranderd in de laatste eeuw. Konijnen legden massaal het loodje en laten tapuiten nu net vooral in konijnenholen broeden… De vos rukte op en die laat eieren en kuikens van de tapuit graag tussen zijn tanden kraken. En dan hebben we nog niet gesproken over de teloorgang van de biodiversiteit in ons land, ook in natuurgebieden helaas, en vele andere factoren die het leven van de tapuit héél moeilijk hebben gemaakt in ons land. Gelukkig zijn er nog mensen die zich bekommeren om het lot van de tapuit en worden er in tal van gebieden beschermende maatregelen getroffen.

Dat de natuur aldoor in ontwikkeling is, blijkt ook uit het antwoord op de vraag hoeveel tapuiten(soorten) er zijn. Die vraag is nauwelijks te beantwoorden. De ‘Oenanthe-radiatie is nog maar relatief kortgeleden begonnen.’ Dat betekent: één soort kan zich geleidelijk aan ontwikkelen tot meerdere soorten, en dat proces is bij tapuiten nog niet lang aan de gang. De tapuit is dus nog volop in ontwikkeling! Omdat ik wel van een geschiedenis hou, vond ik het hoofdstuk over de tapuit in oude geschriften en bronnen alleraardigst. Duidelijk werd wel dat het nog niet zo eenvoudig is om in de alleroudste bronnen met zekerheid vast te stellen of een schrijver als Aristoteles het over ‘onze’ tapuit heeft, of juist niet, wanneer hij een vogel aanmerkt als Oinanthe.

Helaas, zoals hierboven al gememoreerd, met de tapuit gaat het niet goed. Niet alleen in ons land krimpt de populatie, ook in ons omringende landen is dat het geval en dat is dubbele pech. Dat betekent dat herstel van de populatie in ons land ernstig wordt bemoeilijkt. Er is immers geen instroom uit omliggende landen! Zo loopt de populatie in Duitsland ook terug vanwege de intensieve landbouw, maar ook doordat militaire oefenterreinen dichtgroeien. Liefhebbers van de tapuit moesten hun pacifistische neigingen maar lekker onderdrukken. Een militair oefenterrein hier en daar is blijkbaar gunstig voor de tapuit.

recensie de tapuit herman van oosten
Meer informatie

Dat het lot van de tapuit in ons land nog sterker verbonden is met het lot van de konijnen, blijkt wel uit de navolgende hoofdstukken. Een Franse edelman introduceerde de ziekte Myxomatose op zijn landgoed om de overvloed aan konijnen te bestrijden. Deze Australische ziekte kwam tot dat moment niet in Europa voor, maar eenmaal in het Franse land geïntroduceerd, teisterde het virus binnen korte tijd ook de Nederlandse populatie. En alsof dat niet genoeg was, dook vanaf 1989 een andere konijnenziekte op, het rabbit haemorrhagic disease virus. Tussen 1990 en 2003 zijn de konijnenpopulaties met (maximaal) 90% afgenomen. En dat betekent dat ook veel nestgelegenheden voor tapuiten verloren ging.

Natuurlijk besteed de auteur ook aandacht aan het bijzondere trekgedrag van de tapuit: waar een tapuit ook ter wereld voorkomt, hij zal altijd naar het Afrikaanse land trekken. Dus ook de tapuiten uit Noord-Amerika trekken via Groenland en Europa naar Afrika. Er zijn zelfs tapuiten die rechtstreeks van Noord-Amerika naar Afrika vliegen, zij zijn in staat om in ene keer de Atlantische Oceaan over te steken! Wat een wereldprestatie! Hebben ze die trektocht overleefd, dan strijken ze in Afrika neer met miljoenen tapuitgenoten uit alle windstreken.

Een van de meest interessante hoofdstukken vond ik die over het broedgedrag van de tapuit. Het blijkt dat vrouwtjes hun mannetje vaak delen met een ander vrouwtje. Dat kan duiden op een te kort aan mannetjes in natuurgebieden in ons land. Dit fascinerende gegeven is voer voor verder onderzoek. Zeker lezen dit hoofdstuk, al was het maar omdat het ingebed is in andere hoofdstukken over Nederlands onderzoek naar het wel en wee van de tapuit waar de auteur intensief bij betrokken was. Zo intensief dat hij computers ingroef en die verbond met camera’s om het dieet van de tapuiten te bestuderen. Eén keer is een camera gesloten, maar de dief liet de laptop (met daarop de onderzoeksgegevens) gelukkig achter.

De relatie tussen vos en tapuit is een spannende vanwege de groeiende vossenpopulatie in ons land. Een vos heeft een uitstekend oor en een al even uitstekend oog. Hoort hij de jongen van een tapuit in een konijnenhol, dan legt hij zijn oren te luister en weet Reintje Vos precies in te schatten waar hij moet gaan graven. Zo schijnt al menig tapuitennest verloren te zijn gegaan. Ook wezels en eksters worden genoemd als mogelijke predatoren, maar als ik goed lees betwijfelt de auteur de invloed van de wezel omdat hij zijn ‘eerste duinwezel nog moet zien na elf jaar duinlopen’. Nu, dan kan ik hem uit de droom helpen: wezels komen wel degelijk voor in de duinen! Ik had mijn recensie over het boek Bunzing, hermelijn en wezel van Edo van Uchelen nog maar net gepubliceerd en ik zie in de duinen bij Oostvoorne tot twee keer toe een wezel het pad oversteken. Drie lokale vogelaars roep ik op als mijn getuigen. Laat ik overigens niet al te triomfantelijk doen: het was mijn eerste wezel na achtenveertig jaar rond wandelen op deze aarde.

Wie tapuiten wil zien in Nederland, die doet er goed aan om tijdens de trekperioden de kust te bezoeken. In de duinen, maar ook in de Zeeuwse Delta kun je ze dan tegenkomen. Zelf ga ik in het najaar steevast naar de Maasvlakte om tapuiten (en andere doortrekkers) te zien. Wil je héél veel te weten komen over de tapuit, lees dan het fascinerende boek De tapuit van Herman van Oosten. Hij plaatst de tapuit in zijn natuurlijke context en laat zien welke factoren het wel en wee bepalen van deze schitterende vogel.

De tapuit / Herman van Oosten / Atlas Contact / als paperback en als e-book

Verwelkom nieuw leven in jouw tuin dit broedseizoen!