Recensie: De smaak van reiger, Peter Müller

Wat hebben zwarte kraai, spreeuw, roek, jan-van-gent, zwartkop, ortolaan, noordse stormvogel, kleine alk en papegaaiduiker met elkaar gemeen? Ja, het zijn allemaal vogels, maar daar doelen de auteurs van het boek De smaak van reiger niet op. Het zijn allemaal vogels die bejaagd worden om ze op te eten. Van sommige vogels is het onbegrijpelijk dat ze gegeten worden. Van andere vogels wisten we dat stiekem wel, maar is het nog altijd een verrassing dat het gebeurt. Meestal een onaangename verrassing, maar even zo vaak toch ook een fascinerende.

Vakantiehuis midden in de natuur

Op Natuurhuisje.nl vind je vakantiehuisjes midden in de natuur, in Nederland en ver daarbuiten. Je geniet van de stilte en vooral: van de natuur!

Een dakloze Rus roosterde in maart 2018 in het Haagse Bos een blauwe reiger. De politie nam de etensresten in beslag, deponeerde ze in een vuilnisbak, maar redden de volgende het complete onderbeen en de afgekloven voet. Het Historisch Museum Rotterdam voegde de geprepareerde etensresten toe aan de expositie ‘Doden dieren met een verhaal’. Dit verhaal was ook de directe aanleiding tot het samenstellen van het boek De smaak van reiger door Peter Müller en een aantal andere bekende natuurschrijvers.

Het bereiden en eten van vogels heeft vaak lange tradities. En hoewel van tradities meestal wordt beweerd dat ze niet in beton gegoten zijn, lijkt de traditie van het consumeren van vogels vaak even heilig als de goden. De Maori’s op Nieuw-Zeeland vangen jaarlijks maar liefst een half miljoen kuikens van de titi oftewel de Sooty Shearwater en in het Nederlands: de grauwe pijlstormvogel. Kun je deze vogels eten, vraag je je af? Jazeker. Je zet een titi in een bakblik zonder olie of vet en legt de groenten rond de vogel. Zoete aardappel wordt bijzonder aanbevolen. Zet het gerecht in een tot 200 graden voorverwarmde oven. Elk kwartier de vogel draaien en je zult zien dat het vet uit de vogel druipt. De vogel is gaar als je zonder moeite een poot los kunt trekken. Het klinkt net als kip, maar dan met iets meer vet.

Natuurlijk protesteren natuurbeschermers en vogelaars tegen deze praktijk, maar net als andere oorspronkelijke volken hebben de Maori’s het recht opgeëist om hun traditionele jachtmethodes te blijven uitoefenen. Zo ook een lokale stam in Schotland waarvan een aantal leden eenmaal per jaar op een onbewoonde rots de kuikens van de jan-van-gent oogsten, een traditie die zijn oorsprong vindt in de dertiende eeuw. Ook op IJsland wordt nog gejaagd op een vogel waarvan je je niet kunt voorstellen dat die bejaagd mag worden: de papegaaiduiker. Ook daar geroepen jagers zich op de traditie, maar heb je 3000 pond over dan kun je een schietreis boeken. Inderdaad, Peter Müller, de auteur van het verhaal over de jacht op de papegaaiduiker eindigt zijn verhaal terecht met: ‘Het blijft toch raar‘.

recensie de smaak van reiger peter muller

Het openingsverhaal echter, ook van de hand van Peter Müller, speelt zich dichterbij huis af. In Nederland is de zwarte kraai vogelvrij. Niet voor niets trouwens, want onderzoek heeft uitgewezen dat schade verantwoordelijk zijn voor het verloren gaan van rond de 12 procent van de voor de zwarte kraai eetbare gewassen. Dat is niet misselijk, hoewel ik niet bepaald pleitbezorger ben van de jacht op de zwarte kraai. Vorig jaar wandelde ik niets vermoedend over een Tiendweg in de Alblasserwaard tot er plots een paar geweerschoten van héél dichtbij klonken. Ik kwam tevoorschijn van tussen de bomen en de jagers keken me onaangenaam verrast toe. De aap kwam al snel uit de mouw: staat iemand zo dichtbij, dan mogen ze helemaal niet schieten, maar ze niet gecontroleerd of er iemand kwam aanlopen. Ondertussen hadden ze een zwarte kraai uit de lucht geschoten. ‘Het zijn heel wrede vogels,’ zo verzekerde me één van de jagers, ‘heb je wel eens gezien hoe ze de oogjes van jonge hazen uitpikken?‘. In Litouwen doen ze dat heel anders. Daar houden ze natuurgebieden in stand waar honderden zwarte kraaien broeden. Wanneer er een traditionele kraaienmaaltijd wordt georganiseerd, worden er enige tientallen kraaien geschoten en bereid. Ook een eeuwenoude traditie die gedurende tientallen jaren hinderlijk werd verstoord door de communisten. Maar de Russen vertrokken en de traditie werd in ere hersteld. Het schijnt dat er ook in Nederland restaurants zijn die in het diepst geheim zwarte kraai op het menu zetten. Of een filet van zwarte kraai lekker is? De auteur nam de proef op de som en concludeert onomwonden: ‘Veel beter dan kip‘.

Een zwarte kraai eten die je geschoten hebt, daar kan ik de logica nog wel van inzien, evenals het consumeren van geschoten grauwe gans en houtduif. Als ze dan toch geschoten worden, dan maar opeten. Het eten van spreeuwen vind ik echter al dubieus worden omdat het met deze prachtige vogel niet goed gaat in ons land. Nog dubieuzer vind ik echter het nuttigen van zangvogeltjes op Cyprus, Malta en in andere landen rond de Middellandse Zee. Naar schatting overleeft 1 op de 5 trekvogels de jaarlijkse trek over de Middellandse Zee niet, zo lees ik in het verhaal over de zwartkop. Jaarlijks vliegen er naar schatting 5 miljard vogels over dit gebied en dan kun je je wel voorstellen welk een onvoorstelbare slachting daar wordt aangericht. En dat allemaal onder het mom van ‘de traditie’. Over traditie gesproken: de Franse cultuur staat er bol van. En dan hoeven we dit verband maar één zangvogel te noemen die de Franse cultuur typeert: de ortolaan. Een smeriger traditie ken ik niet, maar vele vorsten en presidenten hebben hun sterfbed opgeluisterd met het eten van ortolanen. Niet voor niets open dit verhaal met het citaat ‘Het hele paradijs opent zich! Laat mij sterven terwijl ik ortolanen eet op het geluid van zachte muziek!‘ Hoe de traditie voorschrijft hoe je een ortolaan nuttigt, lees je zelf maar in het beeldende verslag van Chris van Eck.

Gelukkig worden wij Hollanders in het afsluitende verhaal over de dodo vrijgepleit van een eeuwenoude schuld. We blijken bij nader inzien niet in directe zin schuldig aan het uitsterven van de geroemde dodo. Deze loopvogel bleek eigenlijk niet te eten (alleen in geval van ernstige hongersnood aten Hollandse zeelui het taaie vlees van de ‘walgvogel’). De Engelsen daarentegen… In indirecte zin torsen wij Nederlanders wel nog altijd de morele schuld van het uitsterven van deze vogel met ons mee. Onze voorouders brachten ratten op het eiland, en varkens, en die wisten wel weg met de eieren van de dodo.

Bert Keizer heeft even daarvoor het ontluisterende verhaal over de teloorgang van de trekduif verteld. Miljarden vlogen er rond in Amerika, althans tot ergens halverwege de negentiende eeuw. Daarna ging de populatie pijlsnel bergafwaarts en in 1914 blies de laatste trekduif ter wereld haar adem uit in een dierentuin. De grootste populatie vogels in Amerika en misschien zelfs wereldwijd verdween in nog geen eeuw tijd van de aardbodem. Nu was de trekduif een berucht fenomeen in die tijd. Stortten er zich miljoenen trekduiven op de oogst, dan was er na een paar uur geen sprake meer van een oogst. Maar was de honger in het land, dan waren de trekduiven even welkom als de kwakkelen in het Oud-Testamentische verhaal van de Israëlieten in de woestijn.

Dat er wereldwijd vogels worden genuttigd, dat wist ik wel. Maar dat in westerse landen nog altijd vogels als papegaaiduiker, kleine alk, noordse stormvogel, jan-van-gent en ortolaan worden genuttigd, is een confronterend gegeven. De verhalen echter in De smaak van reiger zijn het consumeren meer dan waard. Peter Müller, Jelle Reumer, Koos Dijksterhuis, Kees Moeliker en Bert Keizer, Chris van Eck en nog een paar auteurs werpen hun literaire talenten in de strijd om te verhalen over de vogeljacht. Uit alle verhalen blijkt hun fascinatie en verwondering over de bizarre vormen van vogeljacht die nog altijd worden gepraktiseerd. Soms met een mild ironische ondertoon, en soms met een mengeling van nieuwsgierigheid en afkeer zoals bijvoorbeeld in het verhaal van de zwarte kraai. Peter Müller is gek op die slimme vogel, maar laat het niet na om een paar filetjes te proeven onder het mom van: als ze toch worden geschoten, kun je ze maar beter eten ook in plaats van ze op de mestvaalt te werpen.

Maar dat ‘de traditie’ ook heden ten dage nog allerlei vormen van barbarij legitimeert, mag ook wel worden genoemd. Oorspronkelijke bevolking of niet, tradities zijn er om vernieuwd te worden, maar nu plaats ik mezelf misschien in een kamp waar ik niet heen wil dwalen. Maar alsjeblieft, laat papegaaiduiker, jan-van-gent, kleine alk, ortolaan en al die andere kleine zangvogels maar lekker met rust. Verwelkom ze als ze in het voorjaar arriveren en wuif ze in het najaar uit met alle zegenbeden die de tradities rijk zijn en laat ze daartussen maar lekker met rust. Dat we kip en kalkoen hebben uitverkoren tot hofleverancier van vogelvlees is al meer dan genoeg van het kwade.

Vanuit cultuur-historisch perspectief zijn alle verhalen het lezen meer dan waard. Het zijn stuk voor stuk fascinerende verhalen over een duister aspect van onze omgang met vogels. Ik heb de verhalen met veel plezier gelezen. Warm aanbevolen dus.

De smaak van reiger / Peter Müller / Müller Uitgeverij / als paperback

Mijn tips voor natuurbeleving

Zo beleef je de natuur nog intenser!

(héél véél keuze, in nagenoeg heel Europa!)

(voor elk budget de drie beste opties)

(voor elk budget een paar opties)

(per provincie gesorteerd)

(aantrekkelijke planten voor vogels, vlinders en andere insecten)

(lees hier mijn tips om spechten, mezen en roofvogels naar je tuin te lokken)

(mijn persoonlijke top tien)