Recensie: Het Amsterdamse beestenboek, Remco Daalder

Om dieren te zien hoef je niet perse naar een natuurgebied. Zelfs in hartje Amsterdam is het heerlijk dieren kijken. Want zeg nu zelf: vos, gierzwaluw, ijsvogel, zeehond en ringslang, dat zijn fantastische beesten om te zien! Over de dieren die je in onze hoofdstad kunt zien en wáár, schreef stadsecoloog Remco Daalder met een paar collega’s Het Amsterdamse beestenboek. Wat maakt Amsterdam ook op het gebied van wilde dieren nu zo interessant?

Met de vos, gierzwaluw, ijsvogel, zeehond en ringslang heb ik de ‘Big Five’ van Amsterdam al genoemd. Dit zijn stuk voor stuk schitterende waarnemingen. Sommige kun je zomaar in het centrum tegenkomen. Een vos in het Vondelpark bijvoorbeeld, aangelokt door de ratten die er leven. Of de ijsvogels in de grachten en de gierzwaluwen boven De Pijp. De zeehond is iets zeldzamer, die wordt hooguit twee keer per jaar in Amsterdam gezien. Ook de ringslang is geen alledaagse verschijning, maar zodra de temperaturen stijgen en de zon schijnt, komen ze te voorschijn om te gaan zonnen op de dijken langs het IJ. En dan hebben we het nog niet gehad over de zestig andere dieren die in Het Amsterdamse beestenboek van Remco Daalder opduiken. Van vleermuis tot roodwangschildpad, van zwarte roodstaart tot halsbandparkiet.

recensie het amsterdamse beestenboek herdruk

De historische binnenstad en de groene gebieden in en om de stad oefenen kennelijk een grote aantrekkingskracht uit op dieren. De spleten en holten in de historische panden lijken op natuurlijke rotsspleten of holle bomen. Prima nestgelegenheid dus voor allerlei vogels. Daarnaast wordt Amsterdam omringd door een gordel van natuurgebieden, zoals de veenweiden van Waterland, de duinen, het vechtplassengebied, het Markermeer, de Oostvaardersplassen. Dieren uit deze gebieden dringen de stad in. Dat geldt zelfs voor een vogel als de grutto en dat zou je toch niet verwachten.

Zoogdieren, vogels, reptielen en amfibieën, vissen en insecten/ongewervelden komen allemaal overzichtelijk aan de orde. Op de stadsplattegrond kun je zelfs aflezen waar je ze in de stad kunt zien. Het Amsterdamse beestenboek is dan ook een natuurgids in de ware zin des woords: je leest alles over de dieren zelf én je weet precies waar je moet zijn om het dier te zien.

De ogen open voor de dieren in de hoofdstad, dat is het doel waarmee de stadsecologen Anneke Blokker, Auke Brouwer, Remco Daalder en Geert Timmermans Het Amsterdamse beestenboek schreven. In die missie zijn ze volgens mij zeer geslaagd. Het Amsterdamse beestenboek is door de toevoeging van illustraties een bijzonder boek geworden. Ook de cover met een knipoog mag er zijn.

Overigens: de ecologen hebben elk zo hun eigen specialisatie. Anneke Blokker is gek op vleermuizen, Geert Timmermans weet alles over vissen. Anneke Brouwer heeft een voorliefde voor ganzen en Remco Daalder, geboren en getogen Amsterdammer, kijkt in voorjaar en zomer voortdurend omhoog naar de gierzwaluwen boven de binnenstad.

Het moge duidelijk zijn: Amsterdam biedt meer dan alleen cultuur en vermaak. Natuurliefhebbers hebben na het lezen van Het Amsterdamse beestenboek alle reden om zich met verrekijker en loep in het stadsgedruis te storten.

Het Amsterdamse beestenboek / Remco Daalder / Uitgeverij Bas Lubberhuizen / Paperback

Mijn tips voor natuurbeleving en vogels kijken

Met deze tips beleef je de natuur nog intenser en komen de vogels letterlijk dichterbij: