Hoe lok ik de appelvink naar mijn tuin?

De appelvink is de krachtpatser onder de vinken. Deze uit de kluiten gewassen zangvogel heeft een snavel zo groot en sterk, dat hij zelfs de pitten van kersen kan kraken. De appelvink leeft in bosrijke gebieden en in de winter ook in steden bij groenstroken met opgaande beplanting, lees ik in de Zakgids van Nederland en België. Helaas, een appelvink hoef ik niet zo snel in mijn tuin te verwachten, want de Nederlandse populatie bevindt zich voornamelijk in het oostelijke deel van ons land. Toch de vraag in mijn veelgelezen serie Hoe lok ik… : hoe lok ik de appelvink naar mijn tuin? Want de dag dat ik deze vogel in mijn tuin zie, zal als onvergetelijk in de boeken gaan.

Hoe lok ik de appelvink naar mijn tuin?

In mijn favoriete vraagbak de Vogelatlas van Nederland, lees ik dat je vanaf eind februari spectaculaire achtervolgingsvluchten kunnen worden gezien in parken, groene buitenwijken en goed ontwikkelde loofbossen. Dat is alvast een aanwijzing voor het lokken van appelvinken. Daar komt dus bij zijn voorkeur voor stevige zaden én in het voorjaar insecten om de jongen te voeren. Hieronder werk ik deze twee verder uit.

De juiste bomen in de tuin

Ook de Vogelatlas van Nederland geeft aan dat de appelvink dol is op stevige zaden. Op de zaden van de volgende bomen is de appelvink dol:

  1. Haagbeuk
  2. Spaanse aak
  3. Zoete kers
  4. Vogelkers
  5. Beuk

Een goed mastjaar van de beuk is altijd goed is voor de appelvink. Beukennootjes zijn namelijk ook geliefd voedsel. Los van de voedselvoorkeuren zijn loofbomen allesbeslissend voor de appelvink. In naaldbos heeft hij niets te zoeken. Zo doet de appelvink het in Groot-Brittanië niet zo goed, omdat daar naaldbomen worden bevoordeeld in het bosbeheer. Plant dus één van bovengenoemde bomen aan in je tuin en hopelijk komt er een appelvink in foerageren! Tegelijkertijd is het van belang dat je tuin in de lente veel insecten biedt, want appelvinken voeden hun jongen met insecten. Spuit dus vooral geen gif en zorg ook voor struiken in je tuin.

Bijvoeren mag

Gelukkig kun je de appelvink ook verleiden door hem bij te voeren. Zeker in de winter. Met name grote zonnebloempitten genieten zijn voorkeur. Ook dit zijn stevige zaden die hij makkelijk weet te kraken. Biedt ongepelde zonnebloempitten aan, daar weet de appelvink wel weg mee, en gelukkig lok je er ook een hoop andere tuinvogels mee naar je tuin!

Koop een huis in het oosten van het land

Met de appelvink gaat het gelukkig goed in ons land. Dat heeft te maken met de ontwikkeling van onze bossen. Loofbossen worden in ons land steeds ouder en de aanplant van goede voeselbomen, met name in Flevoland. Zelfs in het westen nemen de aantallen toe, hoewel het wel duidelijk is dat de appelvink vooral in het oostelijke deel van ons land leeft. Wil je dus perse een appelvink in je tuin, verhuis dan naar één van de oostelijke provincies in ons land, rechts van de link Breda – Utrecht – Lelystad – Groningen. En dan natuurlijk ook nog eens het liefst een huis met een tuin die grenst aan een park of loofbos. Plant vervolgens één van bovengenoemde bomen in je tuin en strooi in de winter zonnebloempitten op je voedertafel. Je hebt nu alles gedaan wat je kon doen. Hopelijk dat het werkt.

Herken de vogels in je tuin

Zakgids Vogels van Nederland en België er

De appelvink herkennen is denk ik zo’n groot probleem niet. Geen enkele vink is zo groot als de appelvink. De Zakgids Vogels van Nederland en België is een gids die je door zijn toegankelijke opzet snel helpt bij het herkennen van de vogels in je tuin. De gids past in elke binnenzak en helpt je om alle algemene soorten broedvogels, zomer- en wintergasten en doortrekkers gemakkelijk te herkennen. De allereerste zakgids die exclusief over vogelherkenning in Nederland en Belgie gaat, zonder al te veel extra leesbagage.

Ik hoop dat ik je met dit artikel hebt geholpen om de vraag Hoe lok ik de appelvink naar mijn tuin? te beantwoorden. Met onderstaande zaden (verkrijgbaar via Vivara.nl) kun je de appelvink in de winter bijvoeren.