vlinderstruiken in ons landschap

Een groene zomer. En vrijwel nergens bloemen. Dat kan anders.

Dit weekend kwamen we weer thuis van vakantie in Noord-Italië. Twee weken lang verkenden we de omgeving van het Comomeer. Gezellige stadjes, een prachtig meer en natuurlijk de schitterende bergen rondom het meer. Plus een zonovergoten klimaat waarover je geen enkele Italiaan hoort klagen. En weet je wat ook zo mooi was? De bloemen en het frisse groen, waar je ook komt. In tuinen, op berghellingen, in bossen en op alpenweiden, overal stonden planten en struiken in bloei. Een schril contrast met Nederland waar ik nu juist opvallend weinig bloemen zie. Waar ik ook kom, het is een groene zomer. En vrijwel nergens bloemen.

Natuurlijk, het land is kurkdroog en de planten hebben het zwaar. Ik zie ook verdorde bermen. Maar dat is niet het hele verhaal zijn. Ik zie ook overal groene bomen en struiken. Wilgen, elzen, populieren en andere soorten. Ze staan in zomers groen blad. Maar bloemen? Ho maar. En juist van bloemen moeten insecten het hebben. Op Nature Today lees ik dat op de Vlinderstichting op het Kootwijkerzand tijdelijke nectarkroegen aanplant. Buddleia’s en andere bloeiende planten en struiken worden tijdelijk neergezet om de dagvlinders te voeden. Want ook de heide komt dit jaar niet tot bloei. En dus is er op de grote verdorde heide geen voedsel te vinden voor bedreigde soorten als de heivlinder en de kleine heivlinder. Goed werk van de Vlinderstichting en van de organisaties die meewerken, waarbij ook ik de kwekerijen De Heliant, Arnica en Dependens met ere wil noemen.




Wat ik in het artikel ook lees is: ‘Die vlinderstruiken (Buddleja ‘Argus Velvet’), zijn steriel, wat wil zeggen dat ze geen zaad produceren. Vlinderstruiken staan erom bekend dat ze nogal kunnen woekeren en dat risico willen we niet nemen.

Daar bleven mijn gedachten op haken. In Italië heb ik enorm genoten van die vele woekerende vlinderstruiken. Overal op de berghellingen en op de rivieroevers kwam ik ze tegen. En op al die vlinderstruiken wemelde het van de insecten en speciaal van de vlinders. Dambordjes, spiegeldikkopjes, keizersmantels, citroenvlinders, grote dikkopjes, sleutelbloemvlinders, koninginnenpages, groot koolwitjes, bruine zandoogjes, atalanta’s, boomblauwtjes en gehakkelde aurelia’s om maar eens een paar soorten te noemen. Ook zag ik er opvallend veel hommels en bijen, waaronder de indrukwekkende blauwzwarte houtbij. Dankbare insecten daar in Italië, in zoverre insecten over de gave van de dankbaarheid beschikken.

Sommige woekeraars zijn nu eenmaal ontzettend nuttig voor insecten.

En in Nederland is het landschap zomers groen. Geen vlinderstruik te bekennen in houtwal, bosrand, berm en natuurgebied. Ook andere bloeiende struiken ontbreken. Maar waar moeten de insecten dan hun voedsel vandaan halen? Dat geldt onder deze extreme zomerse omstandigheden in het bijzonder, maar in ons steriele landschap geldt dat volgens mij altijd. Natuurlijk, de intensieve landbouw, gif en overtollig stikstof en dat soort van menselijke invloeden zijn funest voor de insecten. Maar, en ik stel de vraag voorzichtig, kunnen de afwegingen van landschapsbeheerders en natuurbeschermers ook geen factor zijn? We kunnen de flora wel zo zuiver mogelijk willen houden, maar sommige woekeraars zijn nu eenmaal ontzettend nuttig voor insecten. Waaronder dus de vlinderstruik. Als insecten geen voedsel kunnen vinden, dan kunnen ze ook niet floreren.

Daarom mijn voorstel: laat ook in Nederland maar eens wat vlinderstruiken woekeren.

En daarom mijn voorstel: laat ook in Nederland maar eens wat vlinderstruiken woekeren. Voordat de hele heide is overwoekerd door de vlinderstruiken zijn we een paar eeuwen verder. Als het al ooit zover zal komen. De vlinderstruik acht ik een prachtige aanwinst in berm, langs bosrand, in houtwal en in natuurgebieden. De insecten zullen er wild enthousiast op af komen vliegen. Een snelle oplossing voor een probleem dat ook op lange termijn anders niet zomaar is opgelost.

Ik besef dat dit als een enigszins populistisch voorstel kan worden ervaren. Maar bedenk dat door ons mensen de natuurwaarden al veel te veel zijn aangetast. We kunnen toch nauwelijks verwachten dat de natuur dit snel zelf herstelt? Dat rechtvaardigt voor mij ook een snelle, door mensen bedachte oplossing in de vorm van aanplant van vlinderstruiken en andere zomerbloeiers. Een prima oplossing voor de korte termijn. Een buffer voor schaarse tijdens aanleggen is altijd verstandig. Om ondertussen voor de lange termijn te werken aan (her)introductie van oorspronkelijke flora.

En voor ons mensen een groot voordeel: ons landschap krijgt eindelijk weer wat kleur. Want zomers groen is op zich best mooi, maar saai is het ook. Misschien ook wel calvinistisch saai, zeg maar gerust puriteins saai. Zo bezien kan het calvinisme ook wel eens diep in de genen van natuurbeschermers zitten.

Doe mij het pauselijke Italië maar met zijn woekerende bloemenweelde.

Maak van je tuin een insectenparadijs met de volgende planten: