Een familie wilde zwanen in de Alblasserwaard

Drie weken geleden deed ik al een rondje door de Alblasserwaard, op zoek naar kleine zwaan en vooral: de wilde zwaan. De kleine zwanen bleven een tijdje zoek, maar de familie wilde zwanen in Polder Ottoland bleken er wel degelijk te zitten. Alleen: ze zaten midden in het weiland. Een machtig eind van de polderweg en even ver vanaf de N214. Er naar toe lopen is geen optie. Los van het feit dat je over andermans terrein ploetert, zullen de vogels je al snel zien aankomen. En één stap te veel en hop, de wilde zwanen kiezen het luchtruim.

Nee, deze prachtige familie wilde zwanen moeten we koesteren. Het is bij mijn weten momenteel de enige familie wilde zwanen in de Alblasserwaard. En daarbij komt dat ik in het Handboek Vogels van Nederland en België lees dat de wilde zwaan niet heel talrijk is in de Lage Landen. Tussen de 1.500 en 3.000 exemplaren overwinteren jaarlijks in Nederland. Dat is niet veel, zeker niet als je het vergelijkt met het aantal kleine zwanen dat hier overwintert: tussen de 11.000 en 14.000 exemplaren).




Nu vind ik zowel de kleine zwaan als de wilde zwanen ware beauties. De volwassen vogels zijn spierwit. De snavels geel met zwart. Ik vind beide soorten sierlijker dan de knobbelzwanen die je nu in vrijwel elk weiland tegenkomt. Vier knobbelzwanen eten voor één koe, las ik vorige week in de krant. Dat zal voor de kleine zwaan en wilde zwaan dan ook vast gelden. Toch valt het me op dat de meeste zwanen lange tijd in dezelfde weilanden overwinteren. Oftewel: ze worden niet verjaagd. En dat is toch mooi, zeker wanneer het kwetsbare soorten als de kleine zwaan en de wilde zwaan zijn.

Koesteren dus, deze prachtige familie wilde zwanen. En je mag ze gerust gaan bekijken, daar in Polder Ottoland. Heel moeilijk is het niet, zeker niet wanneer je beschikt over een telescoop. Ik had het geluk dat ze vandaag dicht bij het fietspad zaten. Het is het weiland voor Ottoland in de hoek voor de verkeerslichten naar Groot-Ammers op de N214. Er stond wel een stevige wind, maar ik heb ze redelijk kunnen filmen. Het windgeruis heb ik vervangen door een of andere rustige prelude. De donkere, dat zijn de jonge exemplaren (juvenielen). De spierwitte zijn de volwassen vogels (adults).

De beste telescopen om vogels te kijken: