kleine woudzwever klein Criorhina berberina

De kleine woudzwever wast kop en tong




Het platteland is steriel geworden. Dat klopt. Zo weinig bloemen meer in weilanden, bermen en wilde graslandjes. En toch. Soms kom je een akkerdistel tegen. Als een Gallisch dorpje dat hardnekkig standhoudt tegen de vijand. Zo’n eenzame akkerdistel toont dan meteen zijn waarde aan. Het gonst er van de hommels. In de Alpen gonsde het dan van de parelmoervlinders en andere bijzondere soorten. Hier, bij de Donkse Laagten, zag ik eindelijk weer eens aardige aantallen hommels. Ik ga ze de komende week aan je voorstellen.

Zijn het allemaal hommels? Ik meende dat ik een boomhommel had gefilmd. Maar de grote ogen en het ontbreken van voelsprieten deden me twijfelen. Zou het geen vlieg zijn? Mijn Veldgids Bijen voor Nederland en Vlaanderen bood uitkomst: het is de kleine woudzwever, lid van de familie der zweefvliegen. Hij lijkt sterk op de boomhommel die, als hij echt kwaad wordt gemaakt, kan steken. Dat kan een zweefvlieg niet. Maar door op de hommel te gelijken, blijft hem het opgevreten worden door een vogel of ander dier bespaard. Althans, dat is de bedoeling.

De kleine woudzwever zit helemaal onder het stuifmeel. Bekijk het filmpje maar eens. Hij krijgt er zowaar last van. En begint kop en tong te reinigen met zijn voorpoten. Met mijn handige Sony Cybershot kon ik het heel aardig filmen.

Nu is de kleine woudzwever geen zeldzame zweefvlieg in ons land. Toch toont deze eenzame akkerdistel aan wat een van de problemen is op ons platteland: het ontbreken van bloemen die insecten aantrekken. De akkerdistel is een ware topplant voor insecten. Boeren en tuinders beschouwen de plant als verachtelijk onkruid, maar ik ken haast geen plant die zo’n aantrekkingskracht heeft op insecten. Een héél belangrijke plant dus voor insecten. Vlinders, bijen, hommels en dus ook zweefvliegen vinden in de bloemen een rijke dis. Nectar en stuifmeel in grote hoeveelheden. Ik heb thuis al voorgesteld een paar distels in de tuin aan te planten. Ja ja, ik weet het, ze moeten niet gaan woekeren. Gewoon op tijd de uitgebloeide bloemen eraf knippen. En de stekels voor lief nemen. Of het me gaat lukken weet ik eerlijk gezegd nog niet, want de distel heeft zijn reputatie niet mee.

Denk nu niet dat ik de zwarte piet voor het bestrijden van de akkerdistel enkel bij de boeren wil neerleggen. Bermbeheerders kunnen er ook wat van. Maar volgens mij natuurorganisaties evenzeer. Waarom zie ik anders aan de overkant van de sloot, in de Donkse Laagten, zo weinig distels groeien? Het gras staat er een meter hoog, maar een akkerdistel groeit er amper. Ik hoop maar dat het niet duidt op actieve bestrijding door de natuurmensen. Dat zou de wereld op zijn kop zijn.

Boeren, burgers en buitenlui, ik roep het uit: meer akkerdistels graag. En meer mensen die voor een akkerdistel op de knieën gaan om de hommels, bijen en zweefvliegen te bewonderen. Maak maar eens van heel dichtbij een foto van zo’n insect. Wonderschoon!


Leestip

De Veldgids Bijen voor Nederland en Vlaanderen mag je gerust beschouwen als de bijbel voor bijen, hommels en wespen in de Lage Landen. Het is een magistrale veldgids waarin alle soorten die in onze landen voorkomen worden beschreven en afgebeeld. Ga goed voorbereid de zomer in om optimaal te genieten van bijen en hommels bij jou in de tuin en de omgeving. Of misschien wel tijdens vakantie.


Hier de kleine woudzwever die zijn kop en tong schoonmaakt:

De beste verrekijkers om insecten te bekijken: