Château de Pellebuzan, ideale uitvalsbasis voor een vogelvakantie in De Brenne

Drie jaar achtereen verbleven we tijdens de meivakantie op Château de Pellebuzan, een kasteel bij het dorpje Ciron, midden in natuurpark De Brenne. Onze charmante gastheer Carlo Vincent ontving ons immer gastvrij. Ik leg je in dit artikel uit waarom Château de Pellebuzan een ideale uitvalsbasis is om natuurpark De Brenne te verkennen.

Ciron is een klein dorpje aan de rivier de Creuse. Deze rivier vormt de grens tussen het noordelijke deel van de Brenne en het zuidelijke. De meeste vogelaars zijn gericht op het noordelijke deel. Daar bevinden zich de ontelbare meren die afgewisseld worden door loofbossen en weiden. De eerste meren liggen op steenworp afstand van Château de Pellebuzan: loopt de oprijlaan uit en houdt rechtdoor aan. Links en rechts heb je na honderd meter de eerste meertjes. En over de rivier de Creuse gesproken: net buiten Ciron bevindt zich in de oever een grote kolonie bijeneters.

Château de Pellebuzan biedt de mogelijkheid een vakantiehuisje te huren dat plaats biedt aan zes personen. Verder is er een appartement voor twee personen en een aantal kamers. Carlo Vincent komt uit Vlaanderen en spreekt dus Nederlands. Hij kent de streek op zijn duimpje en voorziet je van alle gewenste informatie.

cahteua

Vogels op het domein van Château de Pellebuzan
Vogelaars vallen bij Château de Pellebuzan met hun neus in de boter. In de schuur broedt een koppeltje kerkuilen die ‘s avonds over het terrein vliegen. Europese kanarie, vink, putter, boomleeuwerik, grauwe vliegenvanger, boomkruiper, zwarte roodstaart, boerenzwaluw, ijsvogel, zwarte specht, grote gele kwikstaart en hop heb ik regelmatig op het domein van het kasteel waargenomen. In het bos hoor je de wielewaal. Tijdens onze laatste vakantie zagen we vanaf het terras van het kasteel hoe een sperwer verwoede pogingen deed een wielewaal te verschalken. Ook de smaragdhagedis, de toornslang en de marmersalamander leven op het domein. Stuk voor stuk bijzondere dieren die je in Nederland beslist niet ziet.

Loop je even van het domein weg, dan hoor en zie je in het voorjaar de nachtegaal, orpheusspotvogel, zwartkop, cirlgors, grauwe gors, rode patrijs, sprinkhaanrietzanger, koekoek, zwarte wouw en soms de grauwe kiekendief. Er zijn dagen dat je er niemand anders tegenkomt. In de meertjes voor het kasteel heb ik steltlopers als oeverloper, kemphaan en groenpootruiter gezien. Purperreiger, kwak, grote zilverreiger en koereiger ook. Voor veel soorten geldt: hoe later in mei, hoe groter de kans dat je ze ziet. Veel is natuurlijk ook afhankelijk van het weer. De Brenne blijft een van de mooiste vogelgebieden die ik tot nu heb bezocht.

De afstanden van Château de Pellebuzan naar het hart van de Brenne zijn kort. Met de auto ben je in de kortste keren bij de meest interessante locaties. Je kunt natuurlijk ook per fiets of te voet de Brenne verkennen. ‘s Avonds is een wandeling om het domein zeer aan te raden. Stiller vind je het in Nederland alleen op Schiermonnikoog en heel misschien midden in een Veluws bos. Grote kans dat je een ree tegenkomt.

In de wintermaanden hebben wij de Brenne nog nooit bezocht. De omgeving van het kasteel is dan het domein van honderden kraanvogels.

Ben je op zoek naar een vakantiehuisje voor een vogelvakantie in de Brenne, overweeg dan beslist het Château de Pellebuzan.

Klik hier om de mooie website van het kasteel te bezoeken.

banner reisgidsen