herken de vuursalamander klein

Als deze vuursalamander het maar redt…

Zomaar een riviertje in Noord-Italië. Het komt vanuit de bergen aanstromen en mondt uit in het Comomeer. Vlak voor en na de watervallen stroomt het water woest. Vlak voor het water het meer ingaat, is het warm en kom je er zelfs slangen tegen! Nou ja, slangen… Slangetjes. Zo dik als je pink en ongeveer dertig centimeter lang. Wie dapper is pakt ze op. Maar dat kun je beter niet doen met amfibieën als deze vuursalamander. Waarom niet, dat lees je hieronder.

Allereerst over dit prachtige amfibie. Terwijl wij door het riviertje bij het dorpje Domaso waadden, hoorde ik al een paar Nederlanders iets over salamanders zeggen. In zo’n geval spits ik mijn oren en meer nog: mijn ogen gaan per direct in de speurstand. Een salamander, en zeker een vuursalamander, is een bijzonder dier. Die zie je niet elke dag, sterker nog: ik had nog niet eerder een vuursalamander gezien. Maar aan mij openbaarde de vuursalamander zich niet.

Pas toen we goed en wel op een zanderig stukje zaten, zag ik een Italiaanse jongen aankomen met een zwart dier in zijn hand. Hij bukte zich om het de vrijheid te geven. Zagen mijn speurende ogen het goed? Was het inderdaad een vuursalamander? Jazeker, en nog een dikke vette ook! Nooit geweten dat er in Europa zulke grote salamanders leven. Het klopt trouwens met wat de ANWB Amfibieën- en reptielengids vermeldt. ‘Groot tot zeer groot,’ lees ik. Zeg bij deze vuursalamander gerust: ‘Zéér groot.’




De Italiaanse jongen sprak geen woord Engels en ik geen woord Italiaans. Toch wist ik hem duidelijk te maken dat ik de vuursalamander maar wat graag filmen wilde. Hij liet het dier zwemmen in het ijskoude water. En toen zette hij hem op de stenen en wandelde hij verder. Daar stond ik dan met de vuursalamander op een hoge rots. Die moest daar toch niet van af vallen! Eerst dacht ik dat ik hem het beste tussen de planten hoog op de oever kon zetten. Maar toen bedacht ik me dat die jongen de salamander vast in de rivier had gevonden. Die sjouwt echt niet op zijn slippers door de stekelige planten. En dus liet ik de vuursalamander los in het element waar hij thuis hoort: kristal helder water dat tussen de rotsblokken rustig voort kabbelt. Hij kroop een stukje over de stenen om vervolgens onder een platte steen te kruipen. De hele verdere middag schuilde hij onder die platte steen.

Levensgevaarlijke schimmel

Zowel de Italiaanse jongen als ik hebben de salamander in onze handen gehad. Dat hadden we beter niet kunnen doen. Vanuit Oost-Azië is er namelijk een gevaarlijke schimmel aan komen waaien en die heeft danig huisgehouden onder de Nederlandse populatie vuursalamanders. Jazeker, in Limburg komt de vuursalamander ook voor. Althans, kwam hij voor. De Aziatische schimmelinfectie is zo agressief dat de vuursalamander inmiddels vrijwel is uitgestorven in ons land. En vermoedelijk hebben ook andere soorten te lijden onder de schimmel. Hoe de schimmel zich verspreidt is onduidelijk. Vermoedelijk hebben uit Azië geïmporteerde amfibieën de schimmel hier gebracht. En wie weet heeft iemand de schimmel aan zijn handen gehad en in het water gebracht. Vaarwel lieve vuursalamandertjes. Daarom was het niet zo best om die vuursalamanders vast te houden. Door dat contact zou de schimmel immers overgebracht kunnen worden. Nu acht ik die kans in mijn geval klein, want salamanders hou ik niet en raak ik ook niet vaak aan. Maar toch. Mocht ik ooit nog eens een vuursalamander in het wild tegen komen, dan laat ik hem lekker zitten. In Nederland moet dat zelfs, want de vuursalamander is een beschermde diersoort. Dat zal hij in Italië vast ook wel zijn, hoewel ik niet weet of ze in Italië aan dierbescherming doen. Volgens mij zijn daar vooral heel dol op dieren op het bord…

De beste veldgidsen voor amfibieën en reptielen: