7 redenen om niet te wildplukken

Wildplukken is ontzettend populair. Er worden zelfs heuse cursussen georganiseerd waarbij de deelnemers park en bos intrekken op zoek naar al wat eetbaar is voor ons mensen. Dat eetbaars wordt vervolgens geoogst en in de keuken bereid. Ik snap dat wildplukken leuk is. Niets is leuker dan zelf je eten bij elkaar te verzamelen. Er verschenen ook best veel boeken over wildplukken waarvan ik er een aantal op mijn website heb besproken. Het lijkt een beetje op vissen in de Noordzee, of het zoeken naar mossels, oesters, kokkels en alikruiken in de Oosterschelde. Kom je thuis, dan buig je je voldaan over de oogst van de dag. En toch is de vraag of het wel zo goed is om te wildplukken.  In dit artikel ontdek je zeven redenen om niet te wildplukken.

Zeven redenen om niet te wildplukken

1. Planten, bloemen en paddenstoelen zitten vol gif

Wetenschappers vroegen zich af hoeveel gifsoorten ze op de paardenbloemen in het park zouden vinden. Dat bleken er akelig veel te zijn, namelijk maar liefst 40! Waarvan 31 bestrijdingsmiddelen uit de landbouw en 9 van middelen die worden gebruikt om katten en honden vrij van luizen en vlooien te houden. Het gif dat op hond en kat wordt gebruikt is inmiddels verboden in de landbouw vanwege de bijzonder schadelijke uitwerking op de insectenpopulaties, maar huisdierbezitters mogen er hun dieren nog wel mee behandelen. Dat ze er ook zichzelf mee behandelen zullen ze zich vast niet realiseren en deze behandeling is beslist niet goed voor de gezondheid! Maar het gif voor hond en kat komt tijdens het ravotten en uitlaten ook terecht op plant, bloem en paddenstoel… Als vervolgens de wildplukker deze plant, bloem of paddenstoel oogst en voorschotelt aan zichzelf en geliefden, dan kan het wel eens goed fout gaan. Niet meteen, nee zo werkt het gif niet. Pas na een tijdje, soms zelfs jaren later worden de schadelijke gevolgen van het gif duidelijk. Niemand die zich dan waarschijnlijk nog realiseert dat het gif op de gewildplukte planten en paddenstoelen de oorzaak was van alle ellende…

2. Je berooft dieren van hun voedsel

Brandnetels, vogelmuur en andere eetbare planten zijn niet alleen eetbaar voor ons mensen, maar ook voor insecten en andere dieren. Wie de planten en paddenstoelen oogst, kaapt het voedsel weg van de dieren. Nu zijn er brandnetels genoeg, zou je zeggen, en daar geef ik je gelijk in. Een paar brandnetels oogsten lijkt me niet het ergste wat je kunt doen. Maar paddenstoelen oogsten is een andere zaak. Wie een mandje paddenstoelen vult, pleegt een kaalslag in het bos, want zeg nu zelf: hoeveel exemplaren van het eekhoorntjesbrood vind je nu in een bos? Laat al het lekkers liever staan voor de dieren in park en bos. Die leven buiten en kunnen de energie in het lekkers heel goed gebruiken.

3. Je loopt nog een vergiftigingsrisico

Hierboven gaf ik al aan dat er ontzettend veel gifresten op planten en bloemen worden gevonden. Het komt echter ook voor dat planten en met name paddenstoelen van zichzelf giftig zijn, en soms nog dodelijk ook! Jaarlijks komt een aantal mensen in grote problemen door het verorberen van de groene knolanamiet, één van de giftigste paddenstoelen ter wereld. Niet voor niets dat deze paddenstoel in het Engels ‘death angel’ heet, of ‘death cap’. Het vervelende is dat de groene knolanamiet makkelijk wordt verward met een paddenstoel die wel eetbaar is. Ik zou zeggen: neem het risico niet en koop een bak champignons bij de groenteboer. En die heeft vast ook nog wel wat exotischer paddenstoelen in de aanbieding.

4. Andere mensen willen ook genieten van de planten en paddenstoelen

De bloemen in het park en de paddenstoelen in het bos. Ze schitteren even en sterven dan weer af. Voor veel mensen is de schoonheid van deze organismen reden om erop uit te trekken. Om mooie foto’s te maken of gewoon om er even naar te kijken en daar verder te wandelen. Oogst je de bloemen en de paddenstoelen om ze in je gerecht te verwerken, dan bederf je het plezier van andere wandelaars.

5. Je loopt het risico een bekeuring te ontvangen

Veel terreinbeheerders zijn niet zo happig op de wildplukkende massa. Ze zien met argusogen aan hoe hun gebied en de natuur worden beschadigd. Bovendien is alles wat op hun terrein groeit, eigendom van de beheerder en niet van de wildplukker. Je kunt dus zomaar diefstal plegen door wel te oogsten.

6. Je beschadigt de natuur

Hierboven noemde ik het al: wildplukken beschadigt de natuur. Veel eetbare zaken groeien immers niet vlak naast het wandelpad, maar diep in het gebied. Om ze te oogsten moet je dus afwijken van de wandelpaden. Je vertrapt planten en dieren, en bovendien verstoor je de dieren die in het gebied leven. Blijf ten allen tijde op de wandelpaden en geniet van de natuur in plaats van die te beschadigen.

PS.
Dit is ook één van de redenen waarom ik ben gestopt met zeevissen. Hoeveel kilo lood zal ik verloren zijn tijdens het vissen? En hoeveel kilometer nylondraad heb ik in zee achtergelaten met de haken er nog aan? Lood is giftig. In nylondraad raken vissen en vogels verstrikt. En dat de haken funest zijn voor vissen, behoeft geen uitleg. Dit alles ging me tegenstaan en ik heb mijn hengels aan de wilgen gehangen.

7. Zelf kweken is veiliger

Een kleine eetbare tuin met vaste planten

Heb je een tuin met een gazon en plantenbakken? Dan is mijn advies heel simpel: laat paardenbloemen in je gazon groeien. En plant wilde eetbare bloemen in je tuin. Zo weet je zeker dat ze niet vervuild raken door het gif op hond en kat. Je verwoest de natuur in park en bos niet langer. En je hoeft maar even de tuin in te wandelen om de spijzen te oogsten. Weet je niet hoe je dit aanpak, lees dan mijn recensie van het boek Een kleine eetbare tuin met vaste planten. Dit boek kan een goed hulpmiddel voor je zijn.

Verwelkom nieuw leven in jouw tuin dit broedseizoen!