Maandelijks archief: december 2015

zwarte rotgans bij ouddorp

Weekbericht #53 Oudjaar

Het was een goed vogelweekje! Ik had een paar dagen vrij en benutte die om een paar vogeltochtjes over de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden te maken. De eerste vogeltocht liep over Goeree-Overflakkee. De volgende via de Brouwersdam en Neeltje Jans naar Wilhelminadorp. Wie de bijzondere waarnemingen een beetje bijhoudt, kan nu met enig succes raden naar de soorten die ik gezien heb.

Opvallend is dat de Zeeuwse natuurgebieden stampvol vogels zitten. De Prunje achter Zierikzee zit stampvol eenden, ganzen en steltlopers. Om maar met het meest spectaculaire te beginnen: tienduizenden goudplevieren en kieviten wolken samen boven de nieuw aangelegde natuur. Tussen de brandganzen en rotganzen dwaalt een roodhalsgans, maar die heb ik zelf helaas niet gezien. Ben je in de gelegenheid, ga dan een keer vogels kijken in dit fantastische vogelgebied. Pak dan meteen de Brouwersdam mee, waar het afgelopen weekend overigens een beetje tam was. Een jagende slechtvalk, een zeekoet tegen de glooiing, paarse strandlopers en een grote zee-eend waren mijn meest bijzondere waarnemingen. Er is vandaag een parelduiker gezien en al weken bivakkeert er een zwarte zeekoet bij de blokkendam. Beide heb ik niet gezien. Over die zwarte zeekoet gesproken: die wordt ook al geruime tijd gemeld vanuit de vluchthaven op de Neeltje Jans, maar ook daar kon ik hem niet vinden. Goed zoeken dus, en een beetje geluk hebben.

Met mijn goeie vriend Sjaak maakte ik de ronde over Goeree-Overflakkee. Bij Ouddorp bleef onze blik haken bij een rotgans met een opvallend witte flank en grote nekvlek. De waarneming leverde een leuke gedachtewisseling op Facebook op en de eindconclusie stond mij wel aan: een zwarte rotgans die normaliter aan de westkust van Noord-Amerika overwintert. Opvallend vind ik het grote aantal dodaarzen die je her en der op de wateren ziet. De jachthaven van Ouddorp is een uitstekende plek om de kleinste van de Europese futen van dichtbij te zien. Je komt ze momenteel in heel veel brakke sloten en op zilte wateren tegen. Draai je auto maar eens richting het Watersnoodmuseum. Op de oude kreek voor het museum wemelt het letterlijk van de dodaarzen. Geoorde futen kwamen we op de zoete Krammer en in het spaarbekken op de Philipsdam tegen. Ze worden op meerdere plekken in Zeeland gemeld, waaronder het Veerse Meer. Over de Krammer gesproken: langs de dijk bij Oude-Tonge zit het vol met grote zaagbek, middelste zaagbek, brilduiker, een enkele wilde zwaan en kleine zwaan, futen en voor wie geduldig speurt met een telescoop: een ijsduiker. Op Schouwen-Duiveland verblijven rond Nieuwerkerk groepen kleine zwanen. De tocht over Goeree-Overflakkee eindigde bij Battenoord waar een grote groep flamingo’s voor een aardige toeloop zorgt.

Het toppunt van deze week was het bezoek met zoonlief aan het Schor Wilhelminapolder. Daar wordt al een paar weken een witkopgors gemeld. Een zeer zeldzame dwaalgast uit Siberische streken. De witkopgors dook vlak voor onze neus op en liet zich gewillig filmen. Ook in het Havenkanaal tussen Wilhelminadorp en Oosterschelde de nodige dodaarzen, een enkele middelste zaagbek en een kleine zilverreiger.

Ook elders in het land valt er het nodige te zien. Peter op Pad bezocht natuurgebied Zeevang boven Purmerend. En maakte er een paar prachtige foto’s van een slechtvalk. Ook dit gebied zit stampvol vogels, neem alleen al de tienduizenden smienten die hij op zijn weblog meldt. Mijn bezoek aan de Zuidpier bij IJmuiden smaakte naar meer en daarom volg ik bezoekverslagen met extra belangstelling. De kuifaalscholver die ik er filmde wordt nog altijd gezien. Eveline Lenderink laat zien hoe zelfs een ‘gewone’ steenloper fotogeniek kan zijn. Meer naar het oosten ligt natuurgebied de Mepper Hooilanden. Cor Fikkert schoot er bijzondere opnamen van wilde zwanen en kleine zwanen die met elkaar in de clinch lagen. Ook zijn foto’s van een jagende blauwe kiekendief in hetzelfde natuurgebied mag er zijn. Herman Versteeg bezocht de Oostvaardersplassen. Ik vermoed dat daar de vogels op grote afstand zitten, want hij maakte vooral foto’s van wilde paarden en edelherten. Wie in korte tijd veel vogels wil zien, moet daar nu erg zijn best doen denk ik.

Dan ontkom ik er niet aan om even stil te staan bij de velduilen bij Zevenhuizen. Drukte alom daar aan de Slingerkade en soms een wat minder fatsoenlijk opererende natuurfotograaf. En als er dan drie velduilen dood worden gevonden, is Leiden in last. Terecht overigens, want van dooie velduilen wordt niemand blij. Inmiddels is er een stop- en parkeerverbod op de Slingerkade afgekondigd dat streng wordt gehandhaafd. Dat betekent een extra stukje wandelen, goed voor de gezondheid! Wil je nog wel een paar mooie foto’s van Zevenhuizense velduilen bekijken, neem dan een kijkje op de weblog van natuurfotograaf Remco van Daalen.

Ik eindig waar ik begon: in Zeeland. Waar precies weet ik niet. John Korteweg, een plaatsgenoot van me ontdek ik nu, bezocht mijn geboortegronden. Met succes. Ik had graag naast hem gezeten toen de groep sneeuwgorzen hem tot op vier meter naderde. Prachtige foto’s langs een Zeeuwse dijk. Echt even bekijken om vervolgens te concluderen: het leven aan de Zeeuwse kust is goed.

Terwijl achter me het oudejaarsrumoer nu echt goed losbarst, sla ik mijn laatste weekbericht van 2015 op. Hopelijk laten onze bijzondere én ‘gewone’ wintergasten zich niet het land uit jagen door al het knallende geweld. De klapekster die ik vanmiddag bij Oud-Beijerland zag trok zich in elk geval niets aan van de klappen. Een goeie jaarwisseling en een vogelrijk 2016 toegewenst.

Hartelijke groeten,

Jako

voor wildplukkers

Klapekster in De Staart bij Oud-Beijerland

Vorige week kwam het bericht tot me dat er een klapekster verblijft in natuurgebied De Staart bij Oud-Beijerland. De Staart is een relatief nieuw natuurgebied dat vol staat met bramen en meidoorns. Koeien en paarden houden het gras kort en die afwisselende vegetatie is ideaal voor de klapekster. Bekijk de video maar eens. Hij zit vrijwel altijd hoog in een struik, op de uitkijk naar muizen en insecten. Dat hij een bedreven muizenvanger is bewees ‘mijn’ klapekster vanmiddag: hij dook plotseling naar de grond en vloog weg met een muis in zijn snavel. Niet voor niets dat deze klauwierensoort opgenomen is in de Zakgids roofvogels van Europa. Het ging helaas te snel om het te filmen. Terwijl de jeugd zijn geld offert aan klappen die een fractie van een seconde duren, deed ik op oudjaarsdag mijn eerste waarneming van een klapekster. Een aangename klapper om het jaar mee af te sluiten, nietwaar? Tot volgend jaar!

Vogelgidsen Noord Amerika

Waar en hoe je klapeksters kunt zien.
Laat ik beginnen met het hoe. Heb je op bijvoorbeeld waarneming.nl gelezen dat in een gebied een klapekster zit, speur dan de toppen van struiken en boompjes af op een opvallend lichte verschijning. Klapeksters zitten vrijwel altijd in een top als ze aan het jagen zijn. Je moet echt een verrekijker of telescoop meenemen. Officieel is een klapekster een zangvogel, maar het is een felle roofvogel en die zijn meestal behoorlijk schuw. Kom je te dicht in zijn buurt, en dat is al snel, dan vliegt hij naar zijn volgende uitkijkpost. Dat viel me trouwens op: de klapekster in De Staart had een vast rondje. Hij begon in het midden en vloog dan naar rivier om langs de rivier weer naar het midden te vliegen. Als je het patroon eenmaal hebt ontdekt, dan weet je waar je kunt gaan zitten. En dan maar hopen dat hij niet te lang in een top ver weg blijft zitten…

Natuurgebieden met een afwisselende vegetatie, middelhoge struiken en lage grasveldjes, zijn rijk aan muizen en insecten. Ideaal biotoop voor een klapekster. De Groote Peel, de Slikken van de Heen in Zeeland en het Fochteloërveen zijn zulke natuurgebieden. En De Staart bij Oud-Beijerland dus. In Nederland is de klapekster als broedvogel helaas uitgestorven. Het zijn nu wintergasten. Ze schijnen honkvast te zijn die elke winter naar hetzelfde gebied terugkeren.

En dan nu even kennismaken met de klapekster in De Staart. Als je goed luistert hoor je hem in het begin zachtjes zingen. Het oudejaarsgeweld heb ik niet weggepoetst, dat hoort er nu eenmaal bij.




Mijn vuurwerk voor vandaag: de tien mooiste opnames van 2015

In januari kocht ik hem: mijn videocamera die ik na aanschaf tijdens elke vogeltocht meesjouw. Videocamera vergeten betekent een kortstondige ramp en een aanslag op mijn humeur. Dat het ooit zover heeft kunnen komen zeg. Natuurfotografen hield ik daarvoor liever op afstand met hun wapengekletter. Maar nu ik zelf beelden probeer te vangen, ben ook ik verslaafd aan mijn camera. Mijn eerste opnamejaar is bijna voorbij. Bij wijze van ‘vuurwerk’ vandaag de tien mooiste opnames van 2015 en mijn verhaal erbij.

#1. IJsvogel bij Tholen
Een ijsvogel filmen, dat is het summum. Maar wel lastig wanneer je niet vanuit een tentje opneemt, maar al wandelende. Een ijsvogel ziet mij meestal eerder dan ik hem. En toen liep ik deze zomer over een Thoolse dijk langs het Zoommeer. Een honderd meter voor me hoorde ik twee ijsvogels. Maar ik zag ook een lieftallige en zo vanuit de verte een leuk uitziende jongedame naderen. En zij was niet alleen: haar hond verkende de paden en jawel: liep precies naar de plek waar de ijsvogels zaten. Twee blauwe strepen en piep en weg waren mijn doelwitten. Het is maar goed dat de jongedame me niet heeft horen schelden, want dan had ze vast haar hond op mij afgestuurd. En toch. Een kwartier later zou ik die hond van vreugde een zak feestbrokken hebben geschonken en de dame een zoen op haar linkerwang. Of haar rechter, wat kan mij het schelen. Wat bleek: de ijsvogels streken neer op een tak aan het water en toen ik door de rietkraag liep, een paadje insloeg zat daar plots deze ijsvogel. Die mij niet zag en zich ongemerkt liet filmen. Met passerend vrachtschip en al. Dame en hond nooit meer gezien trouwens.

Lees verder Mijn vuurwerk voor vandaag: de tien mooiste opnames van 2015

Over een witkopgors bij Wilhelminadorp

‘Zo ongeveer één keer in de drieduizend jaar gebeurt het: een witkopgors waait vanuit Siberië naar de Lage Landen. En die ene keer is nu.’ Zo ongeveer, maar dan net iets anders, vertelde ik het mijn zoon van negen die vogels kijken wel aardig vind, maar meer ook niet. Maar omdat het programma van mijn vrouw nog minder interessant was, verkoos hij vandaag een vogeltocht boven voorbereidend werk op een basisschool. Die keuze beviel me wel. En zo reden we vanmorgen naar Zeeland, waar we toch net onze jongste dochter op gingen halen. In Goes, et voilá, dat ligt nu net naast Wilhelminadorp! De witkopgors verblijft daar al een paar weken in de buurt van het dorpje tegen de Oosterschelde aan. Het Schor Wilhelminapolder is zijn domein en daar brengt hij zijn onopvallende leventje nu door. Want onopvallend is de witkopgors! Een wonder dat iemand hem te midden van de graspollen heeft opgemerkt. De witkopgors (in de winter een bruine en in de zomer een witte kop) sluipt als een muisje over de grond. Haast kent hij niet, extravert is hij al helemaal niet. Een paar tellen zie je hem tussen de paaltjes langs het schor en dan floept hij achter een graspol, minutenlang onzichtbaar. En ondertussen staat een leger aan vogelaars in de koude zeewind te wachten tot hij zich weer laat zien. Het viel me trouwens op dat de vogelaars erg hoffelijk en beschaafd met elkaar en de witkopgors omgaan.

banner zeeland

Waar en wanneer kun je de witkopgors zien?
Volgens de ANWB Vogelgids van Europa is de witkopgors tot 2008 35 keer in Nederland gezien. Dat is niet veel, en dus veroorzaakt een waarneming veel rumoer in vogelaarsland. De witkopgors in het Schor Wilhelminadorp is niet moeilijk te vinden. Aan het einde van de Oude Veerwerk / Wilhelminadorp ga je rechtsaf. Je rijdt onder de zeedijk. Ga je weer omhoog, dan parkeer je daar de auto en wandelt voorbij de slagboom buitendijks. Je ziet er een kleine kwelder met bij eb ontzettend veel slik. Een prachtig stukje schor(re)! De witkopgors foerageert precies achter het raster, dicht tegen de grond. Daar waar geen graspollen staan laat hij zich nu en dan zien. Heb je geluk, dan vliegt hij even op om op een paaltje of het gaas neer te strijken. Daar moet je meestal veel geduld voor opbrengen. Tijdens het wachten kun je je vizier natuurlijk prima op het omliggende schor richten. Spectaculairder dan de witkopgors zul je niet aantreffen vrees ik, maar een stel rotganzen, scholeksters, wulpen, bonte strandlopers, tureluurs en bergeenden bij elkaar is toch ook mooi?

Hier mijn opname van de witkopgors:

 

Recensie: Wandelen over de Utrechtse Heuvelrug, Rob Wolfs en Ad Snelderwaard

Wandelen over de Utrechtse HeuvelrugEen decembermaand is in de moderne geschiedenis nooit zo warm geweest als nu. Koukleumen hebben nu dus geen excuus: hop naar buiten! We gaan eens lekker wandelen. Zo ongeveer heel Nederland woont met Utrecht in het midden, en daarom kies ik voor de wandelgids Wandelen over de Utrechtse Heuvelrug van Rob Wolfs en Ad Snelderwaard. 

Koop dit boek


Lees verder Recensie: Wandelen over de Utrechtse Heuvelrug, Rob Wolfs en Ad Snelderwaard