Verschil tussen mannetje en vrouwtje oeverlibel

De gewone oeverlibel is de meest algemene oeverlibel in Nederland. En ook de grootste! Geen wonder dat ik ze gisteren in grote getale zag vliegen langs de ijsbaan in Alblasserdam. Toen wist ik overigens nog niet dat het gewone oeverlibellen waren, want veel verstand van insecten heb ik niet. Het mooie van filmen is dat je thuis op je gemakje aan de slag kunt met de veldgids. Had ik tijdens het filmen nog de hoop een bijzondere soort te hebben ontdekt, de veldgids sprak anders. Maar wel een prachtig insect, nietwaar? Vrouwtjes en jonge mannetjes zijn geel met twee zwarte strepen over het bovenlijf. En oudere mannetjes zijn blauw met een zwarte stip. Beide geslachten kwam ik tegen. Ze lieten zich gewillig opnemen.

 

 

Serie: Groot dikkopje

Op en rond een bramenstruik wemelde het van de grote dikkopjes, een algemene dagvlinder in het duingebied. Ze landden op de bladeren, op de bloemen en op de grond. Vandaag een serie van negen video’s met in de hoofdrol het groot dikkopje. In vergelijking met andere dagvlinders ogen de dikkopjes wat plomp en breed. Ook valt op dat in rust de voorvleugels samenklappen, terwijl de achtervleugels gespreid blijven.

 
vlinders rupsen en waardplantenFenomenale vlindergids: Vlinders rupsen en waardplanten

 
 

Vijf mooie waarnemingen

De zomer is eindelijk in het land en dat is goed nieuws voor wie graag vlinders kijkt. De koolwitjes, atalantja’s, kleine vossen, distelvlinders, dikkopjes en zandoogjes fladderen volop over bloembermen en door braamstruiken die nu in bloei staan. Maar al die insecten maakt hongerig, en dan doel ik op die glibberige wezens op de grond: amfibieën. Bijna stapte ik in de Tongplaat op een gewone pad. Het had een wisse dood voor het beestje betekend, maar gelukkig stapte ik mis. En keek ik even later in die prachtige ogen van een volwassen pad. Of hij in staat is om een vlinder te grijpen, ik betwijfel het. Eenmaal verwarmd door de zomerzon flitsen de vlinders door de lucht, haast niet te volgen want ze dwarrelen alle kanten uit. Hieronder een paar waarnemingen van dit weekend:

 

 

Natuursoap: familieleven van meerkoet

Deze familie meerkoet, twee ouders en zes jongen, geeft een inkijkje in het familieleven. Kuiken één is duidelijk als eerste uit het ei gekropen en dringt altijd voor. Vader en moeder trappen meestal in zijn bedeltrucs, een enkele keer zie je een wat eerlijker verdeling.


Vrouwtje gekraagde roodstaart uitgebreid in beeld

Gekraagde roodstaarten heeft sterke voorkeur voor oude bomen met daartussen open plekken. Welnu, langs de Merwede op de Tongplaat staan enorme verwilderde populieren. Ideaal terrein voor de gekraagde roodstaart dus. Een aantal weken geleden kwam ik een paartje tegen en kon ik een korte opname maken van het mannetje. Nu een uitgebreide opname van het vrouwtje. Zoals zo vaak een stuk minder fraai dan het mannetje, maar dat doet er niet toe: het is en blijft een waarneming van een gekraagde roodstaart.

Viervlek

De viervlek is een grote libelle. Ik filmde dit prachtexemplaar bij Étang Mouton in de buurt van het dorpje Migné in De Brenne. Maar volgens de Vlinderstichting hoef je zo ver niet te rijden: de viervlek komt ook in Nederland algemeen voor bij stilstaand water. Dat kan best kloppen. Ik heb nooit echt acht geslagen op libellen, maar libellen van deze grootte lijken mij precies de prooien voor de boomvalk die ik ooit in de Rammegors de ene na de andere libelle zag vangen en hoorde kraken.

Een kleine vuurvlinder

Thuis kwam ik er pas achter dat dit een kleine vuurvlinder was, want van vlinders heb ik (te) weinig verstand. Het is met dochterlief soms flink puzzelen om te bepalen welke soort we hebben gefilmd. Soms biedt de vlindergids zelfs geen soelaas en zoeken we verder op internet. Tot nu toe denken we dat we de juiste naam bij de beestjes te hebben gevonden. Maar mocht je van mening zijn dat we het mis hebben, reageer gerust. Liefst met een onderbouwing natuurlijk, we willen wel wat van je leren 😉 .

Een groep rosse grutto’s valt de Karrenvelden binnen

Vorige week donderdag en zaterdag was ik op het eiland Tholen en kwam ik langs de Karrevelden bij de Oesterdam. Beide keren zo rond hoog water en beide keren zag ik er een grote groep rosse grutto’s. Ik neem gemakshalve aan dat het dezelfde groep betreft. Wat mij opviel was dat vrijwel alle rosse grutto’s nog in winterkleed zijn, terwijl het toch al zomer is. Zijn het eerste jaars die nog niet aan broeden toekomen? Of verzwakte exemplaren die de lange reis naar het Hoge Noorden niet aan kunnen? Wie het weet, mag het zeggen. Ik ben benieuwd.

Kleine plevier in de Karrevelden

In de Karrevelden bij de Oesterdam op het Zeeuwse eiland Tholen wemelt het momenteel van de steltlopers. Kluut, rosse grutto, tureluur, scholekster en ook deze kleine plevier. De kluten brengen hun jongen groot, zelfs de kleine plevieren worden beschouwd als vijand. Deze kleine plevier komt kennelijk te dicht in de buurt van een klutenjong en dus wordt hij zonder pardon verdreven uit zijn nabijheid.